zondag 04 juli 2010 15:08
Introductie in studioflitsers
Fotograferen is werken met licht. Buiten kan dat het zonnetje zijn, of met je reportageflitser. Maar binnen wordt dat toch alweer wat anders. Een gloeilampje is vaak niet genoeg om een lekker fris en helder portret te maken. Je kunt er wel een heel sfeervol portret mee maken, maar meestal willen we meer licht. Deze keer zal ik ingaan op waar je nu moet letten bij het kopen van studioflitsers. Ik kan je niet vertellen welke het precies moeten zijn, dat is afhankelijk van je wensen en je budget. Ik houd het dus wat algemeen.

Â
Welk type flitser?
Er zijn namelijk twee verschillende. Je hebt de zogenoemde monoblocks, flitsers met de lamp en voeding in één enkele unit. En daarnaast heb je systemen waarbij de lamp gescheiden is van de voeding. Het laatsgenoemde systeem heeft onder andere het voordeel dat je de controle over de lampen veel beter binnen handbereik hebt. Maar het is wel een veel duurder systeem. De meeste mensen beginnen met monoblocks, dus ik ga me ook tot dat type beperken.
Om te beginnen, hoeveel?
Hoeveel flitsers bedoel ik dan. Je kunt je nog wel vaker "hoeveel" afvragen, maar laten we het eerst maar eens over aantallen hebben.
Je kunt uit de voeten met één flitser. Nadeel is dat je dan ook maar één ding goed kan belichten. Bijvoorbeeld je model, of iets anders. Beide wordt erg moeilijk. Dus beginnen met één flitser is meestal niet zo verstandig. Over het algemeen kun je met drie of vier flitsers vele malen beter uit de voeten. Je gebruikt er dan eentje als hoofdlicht. Niet om enkel het hoofd van je model uit te lichten, maar om als mainlight te gebruiken.
Daarnaast kun je een tweede flitser gebruiken als invullicht, je vult dan de zwarte schaduw aan de andere kant een klein beetje in om het echte zwarte eraf te halen. Deze flitser zou je eventueel achterwege kunnen laten en een reflectiescherm gebruiken.
En daarnaast heb je, als je het wilt, minimaal twee flitsers nodig om je achtergrond correct uit te kunnen lichten. Als je namelijk een echt witte achtergrond wilt hebben, dan moet je dat apart uitlichten. Je krijgt dan niet voor elkaar met je hoofdlicht.
Goedkoop is duurkoop
Probeer niet voor een dubbeltje op de eerste rang te zitten. Soms zie je bij de bouwmarkt wel eens een flitssetje staan voor een erg interessante prijs, maar hopelijk snap je dat die dingen meestal niet zo geweldig zijn als je het complete stuk hieronder hebt doorgelezen. Verwacht niet dat je voor 100 euro klaar bent, 200 euro ook niet. Je krijgt wat je betaalt. Goedkope flitsers verschillen per flits nogal in kleurtemperatuur, zijn wat fragieler gebouwd of hebben lang niet zoveel accesoires of intstelmogelijkheden beschikbaar.
Het is moeilijk om te zeggen wat je wel uit moet geven. Mijn portemonee is anders dan de jouwe (ja, ook de mijne is regelmatig leeg)
Wat voor vermogen
Het vermogen van een studioflitser wordt uitgedrukt in Watt per seconde (W/s), of in Joules. De meeste keren is het W/s, dus ik beperk me hier ook tot die aanduiding. Minimaal moet je rekenen op 200W/s per lamp. Dat is voor een kleine huisstudio of een voor producten wel voldoende, maar meer vermogen is altijd lekkerder. Je hebt immers meer licht tot je beschikking. En beter teveel dan te weinig. Teveel licht kun je temperen, te weinig licht kun je niet bijtoveren. Gemiddeld, voor een normale studio, is ongeveer 400W/s of 500W/s per flitser.
Meestal hoeft het niet hoger. Bedenk dat twee lampen bij elkaar ook al zorgen voor meer licht op het hele tafereel, dus je kunt soms ook combineren als je toch nog wat tekort komt. Flitsers met meer vermogen zijn, hoe logisch, nog veel duurder.

Terugdraaibaarheid
Wat een woord, maar wel belangrijk. Het wordt vaak over het hoofd gezien, maar het is best belangrijk. Over welk bereik zijn de flitser in te stellen. Stel dat je kiest voor een flitser van 500W/s. Je zult niet altijd (ik maar zelden) met het volle vermogen moeten werken. Je kan de flitser dan ook vaak qua vermogen iets terugdraaien. En belangrijk is dat je dus weet hoeveel. Is dat maar voor de helft (naar 250W/s dus) dan is dat niet zoveel. Is dat nog teveel vermogen, dan moet je je flitser verder weg gaan zetten, of er een onhandig fliter overheen gaan plakken. Allemaal dingen die je niet wilt. Let er dus op dat de flitser die je koopt, voldoende terug is te draaien. In de regel kun je de goedkope flitsers tot 1/8 terugdraaien, de mid-range tot 1/16 en de duurdere tot 1/32 of zelfs meer. Mijn fliters zijn terug te draaien tot 1/32. De 500W/s flitser levert dan nog maar iets meer dan 15W/s wat erg weinig is, en soms is dat ook genoeg.
Flitsduur
Hoe lang is de flits. Het gebeurd in een flits, maar die flits duurt ook een tijdje. Het is altijd maar een fractie van een seconde, maar soms is dat best belangrijk. De flits zorgt ervoor dat er genoeg licht is om de bewegingen te bevriezen. Het is verders donker in je studio, dus je model wordt alleen bij de flits correct belicht. De tijdsduur van die flits moet soms bijvoorbeeld erg kort zijn als je model aan het trampolinespringen is, want als de flits lang duurt, dan is je model nog steeds bewogen. Let erop dat je sluitertijd hier geen invloed op heeft.
Een flitser met een flitsduur van 1/700 seconde (zoals de mijne) is voldoende voor 99 van de 100 dingen. Maar als ik een springende mountainbiker in zou willen flitsen, dan is dat misschien nog te lang. Een flitser met een kortere flitsduur is dan beter. Je hebt ze zelfs met een flitsduur van 1/3000. Blijven we als voorbeeld bij een flitser van 500W/s, dan hebben het complete vermogen bij 1/700 of 1/3000. Je snapt zelf wel dat bij die 1/3000 voor actiefoto's de beweging veel beter bevroren wordt. Maar je zult ook beseffen dat dit moeilijker is voor de flitsfabrikant om te maken, en dus duurder.
De oplaadtijd
Het vermogen wordt in een hele korte tijd afgegeven, en dan moet er weer opnieuw opgeladen worden voordat je opnieuw kunt flitsen. Dit noemen we oplaadtijd of recycle-time. Wanneer je op vol vermogen flitst, dan duurt het opladen langer als wanneer je op 1/8 werkt (snap je weer waarom vermogen belangrijk kan zijn?) De oplaaddtijd wordt uitgedrukt in complete seconden en ook hier geld weer dat een kwalitatief betere, maar duurdere, flitser, een snellere oplaadtijd heeft. Soms kan de oplaadtijd rond de 3 seconde liggen, voor vol vermogen. Dat klinkt niet lang, maar maak maar eens een foto, en wacht dan eens drie seconde voordat je de volgende pas weer kan nemen.

De vatting
Ja, ook een flitser heeft een vatting. Daar schroef je de accesoires op. Erg belangrijk, want met die acccesoires bepaal je de vorm van je licht. Dit kan een softbox zijn, of een gewone reflector met een paraplu. Helaas is er geen standaard in de flitsindustrie. Iedere fabrikant kan een ander type hebben. En dat betekend dat de softbox van merk A vaak niet op flitser B past. Een veelgebruikte is gelukkig de Bowens-S-type. Het merk Bowens heeft natuurlijk deze vatting, maar er zijn ook andere merken die die vatting hebben. En dat betekend dat er dan ook weer een hoop accesoires zijn, in allerlei soorten en maten, goedkoop en duur. Gelukkig zijn er ook adapters te koop voor het geval je perse een accesoire van het ene merk op een ander merk flitser wilt zetten.
Het instellicht
De meeste flitsers hebben een instellicht. Een gewone gloeilamp (of halogeenlamp) die ervoor zorgt dat je überhaupt nog iets kan zien in de studio, of die je kan laten zien hoe de schaduw ongeveer zal vallen. Er zijn flitsers waarbij dit instellicht niet instelbaar is. Laat die flitsers links liggen. Het is niet prettig voor een model om in een vol brandende gloeilamp van 200 Watt te kijken en het wordt erg warm. Een flitser met een instelbaar instellicht werkt veel fijner. En je zou er ook nog mee kunnen fotograferen door het te gebruiken als continu-licht.
De flitsbuis
Belangrijk is, wanneer je regelmatig flitst, dat je hem zelf kunt vervangen. Een flitsbuis gaat niet eeuwig mee. Joh, je meent het. Nee, die dingen gaan ook stuk. Het is erg prettig als je hem zelf kunt vervangen in plaats van dat je je flitser weken moet missen omdat het bij een onderhoudsdienst moet gebeuren. Het is een werkje van een paar minuten, en het is niet echt ingewikkeld. Let erop dat je de flitsbuis niet met je vingers aanraakt, dit komt de levensduur echt niet ten goede.
De Ik-ben-klaar-piep
Ik vind het geweldig. Hoe meer piepjes in de studio, des te leuker ik het vind. Ik ben een piepjes-freak zeg maar. Wanneer mijn flitser vol is opgeladen, dan zegt hij PIEP. Weet ik dus voldoende, en maak ik de volgende foto. De piepjes kunnen ook wel uit hoor.

De aansluiting
Alle flitsers werken niet uit zichzelf. Ze moeten aangestuurd worden. Meestal zit er achterop een gat. Dit kan verschillende maten hebben. Vaak is het een 3.5mm jack-aansluiting, of een kleinere 1.4mm-jack aansluiting. Maar een fabrikant kan ook zelf iets verzonnen hebben. Je kunt hier rechtstreeks een kabel vanaf de camera op aansluiten of een losse ontvanger insteken. Meestal wordt een flitser wel geleverd met een kabel om hem op je camera aan te sluiten, maar dit kabeltje is vaak maar een paar meter.
Veel flitsers hebben vaak ook een optische volgcel. Dit is een klein bolletje wat boven of achter op de flitser zit. Als hier dan voldoende licht opvalt (van bijvoorbeeld een andere flitser) dan gaat de flitser zelf ook af. Zorg ervoor dat dit op je aan te schaffen flitser aanwezig is. Het scheelt je in veel duurdere ontvangers kopen, of ingewikkelde kableconstructies. Maar zorg er ook voor dat deze optische volgcel is af te zetten, je wilt zelf de complete controle over alles houden.
Consistentie
Beetje ingewikkeld woord weer. Maar een flitser moet iedere flits hetzelfde doen. Dezelfde kleurtemperatuur en hetzelfde vermogen. Je hebt er weinig aan als de ene flits met 300W/s wordt gegeven en een kleurtemperatuur van 5500K en de flits erna met 250W/s en een kleurtemperatuur van 5000K. Je wilt zelf de controle houden, dus je kunt niet aan van het feit dat je flitser iedere keer iets anders doet.
Ook dit is zeker een budgetaire kwestie. Duurdere flitsers hebben het meestal goed voor elkaar. Goedkope merken leveren een variabele output die je zeker niet wilt.
Autodump
Soms heb je je flitser ingesteld op een bepaald vermogen. Maar dit kan net even teveel zijn. Je kunt dan de flitser naar een iets lager niveau draaien. Maar dan is het opgebouwde vermogen nog steeds opgebouwd. Als je de flitser af laat gaan, dan wordt dit vermogen op de flitsbuis losgelaten. Wanneer je dus van vol vermogen terug gaat naar bijvoorbeeld 1/16, dan heeft de flitser nog veel teveel vermogen in zich. De autodumpfunctie zorgt ervoor dat dit vermogen automatisch wordt afgebouwd, anders zou je bij de eerst volgende flits toch het opgebouwde vermogen krijgen en dus niet de 1/16 waar je net naar hebt teruggedraaid.
Hitte en de koeling ervan
Ik ben vaak wat langer bezig in de studio. En de flitslampen worden dan goed warm. Belangrijk is dus ook dat de flitser een goede koeling heeft. Een ventilator in de flitser kan veel schelen (dit maakt hem wel wat luidruchtiger)
Statief
Iedere flitser staat op een statief. Daardoor kun je hem in hoogte verplaatsen en ook dichterbij zetten. Het scheelt dat je het zelf niet vast moet houden. Een flitser is vaak wat zwaarder dan je camera. Zorg dus dat je een statief hebt wat stevig genoeg is. Voor flitsers zijn er speciale lampstatieven. Deze zien er anders uit dan een statief voor je camera. De pootjes lopen niet door tot boven, maar komen vaak niet hoger dan 50 centimeter. Daarnaa kun je met een lange paal de flitser omhoog schuiven. Let erop dat een hoger statief ook een bredere basis nodig heeft.
Zorg voor een degelijk statief, je slaat jezelf voor je kop als een lamp omvalt.
Linkstar
De plaatjes die ik hier als decoratie tussen heb staan, zijn mijn studioflitsers. Deze zijn van het merk Linkstar. Ik werk te weinig in de studio om een kapitaal daaraan uit te geven, en Linkstar is iets goedkoper. Een 450W/s flitssetje kost ongeveer 600 euro. Dan heb je twee flitsers, met statieven.
Het is een relatief goedkoop merk waarvan de instelmogelijkheden best ruim zijn en de flitsoutput best aardig is.
Alle dingen die ik hierboven heb aangehaald (instelbaarheid, optische volgcel, zelf te verwisselen flitsbuis, etcetera) zitten erop.







