Overwinteren in Turkije

Ja, je leest het goed in de titel, ik ben momenteel niet in Den Lage Landen.
Vanmorgen afgereisd en lokaal is het hier nu 10 over half 11 en zit ik aan de bar met een lekkere koele cola.

Het begon donderdag. Ik werd in de avond gebeld met de vraag of ik de week erna naar Turkije kon voor het volgen van een aantal voetbalclubs die daar overwinteren.
Nu is dat een vraag waar je natuurlijk niet lang over na hoeft te denken. Ware het niet dat het wel erg kort dag was en ik het wel even geregeld moest zien te krijgen.

Turkije, schoot er door mijn hoofd, dat is praktisch de andere kant van de wereld voor me. Wereldvreemd. Ik kan bier bestellen in ongeveer 7 talen, maar Turks zit daar niet bij. Ik weet Istanbul aan te wijzen op de kaart en daarmee heb je zo'n beetje alles gehad.
Maar het is natuurlijk wel een te gek gave kans als je de mogelijkheid krijgt. Dus als ik het de dag erna geregeld zou krijgen, dan wilde ik graag.

Overdag fotografeer ik namelijk auto's in loondienst (althans, ik leg vast hoe je auto's in puinpoeder rijdt :D) en daar hebben ze natuurlijk ook een planning waar ik niet zomaar onderuit kan. De vrijdag erna dus overlegd of het kon. Ook daar vonden ze het een hele mooie kans voor me en na wat overleg en nog wat meer overleg kon het. Meteen gebeld dat alles in gang gezet kon worden.

 

Mijn vlucht werd geregeld, mijn huurauto op het vliegtuig en mijn hotel. Binnen een half uur lagen alle reserveringen al in mijn mailbox. Nog geen tien minuten later werd ik al overstelpt met mailtjes vol met informatie voor die week. Het klinkt natuurlijk wel als een vakantie om naar Turkije af te reizen en daar foto's te maken, maar hoofdzakelijk moet er gewerkt worden natuurlijk.

Maar het was al vrijdag, ik zou de maandag erna vertrekken. Kort dag, ik moest zelf ook nog veel dingen regelen. Om te beginnen zou het die dag in Helmond laat worden, want al mijn films en foto's die ik tot op heden had gemaakt moesten opeens worden afgewerkt omdat ik dat dus niet maandagochtend kon doen. Goed, da's op zich niet zo'n probleem en om een uur of half acht reed ik dan ook naar huis.

In je hoofd gaat er inmiddels van alles in de rondte wat ik mee moet nemen.
Vliegen.....
Da's iets compacter reizen dan met de auto. Ik kan natuurlijk ook met de auto naar Turkije, maar dan ben ik nu al te laat en had ik al weg moeten zijn. Het is toch wel 3000+ kilometers verderop en ja dat kan in ramp tempo, maar dan vegen ze je in Oostenrijk of zo al van het asfalt.

Vliegen is toch wel de enige manier om er te komen.
Maar ik had nog nooit gevlogen in een toestel wat meer dan vier man kon herbergen. Wel helikopter en ook wel eens zelf aan het stuur mogen draaien (wat ook te gek gaaf is)
Maar in een groot vliegtuig met tientallen mensen had ik nog nooit gezeten. Laat staan mijn fotospullen vervoerd hebben.

Een kleine check leverde al op dat ik 8 kilo handbagage mee mocht nemen en ik was bij voorbaat niet van plan mijn fotospullen niet als handbagage mee te nemen. Als er iets mee gebeurd door de kruiers, dan ben ik zwaar de lul en zit ik een week in Turkije zonder camera's.

Maar wat neem ik mee? Ik heb een Pelicase die precies voldoet aan de eisen voor handbagage. Maar dan kan ik drie geheugenkaartjes meenemen en dan zit ik aan de acht kilo. Volgeladen komt dat ding over de 20 kilo. Laat ik het een en ander thuis, dan zijn het er nog steeds bijna twintig. Daar moest dus over nagedacht worden.

Hoe moet dat op Schiphol? Geen idee. Nog nooit gevlogen, dus dit is ook nieuw voor me. Nu heb ik een Hollandse mond en komt dat wel goed, maar ik moet overstappen in Istanbul. Kom ik er daar ook met mijn hollandse mond? Wordt wel een uitdaging, net als de rest van de week natuurlijk.
Dit begon langzaam toch wel voor een beetje stress te zorgen....

De zaterdag erna zat bomvol. Ik had afgesproken met een vriendin en we gingen in Breda modellen fotograferen. Na afloop zou ik langs een collega rijden om daar nog een en ander voor deze week door te spreken en te regelen. Hij had voor mij alle boekingen gemaakt en voorziet me deze week van zoveel informatie dat mijn mailbox wel het formaat van Magnu Magnum lijkt van wat er deze week op voetbalgebeid in Turkije te beleven is (Maurice, als je het leest, reuze bedankt)
Ik kreeg ook nog zijn kleine tas mee om te vliegen. Hij komt minder kolossaal over dan de Pelicase en je kunt er enig overgewicht nog enigzins mee camoufleren. Stickertje van de luchtmachtdagen over het logo van Nikon en niemand zou er om zeuren.
De enige die zou zeuren dat ik die tas mee zou hebben was de kat; Moos moet een weekje zijn slaapplaats missen.

Van daaruit met die vriendin nog een hapje eten en dan naar huis, de zondag zou druk worden met pakken, plannen en al dat soort zaken.
Of het de stress was of iets anders, ik trok helemaal weg voordat het hoofdgerecht op tafel stond. Ik heb drie happen genomen en mijn maag draaide zich in alle richtingen. Niet verder eten, want dat komt niet goed. Helaas dus daar zo'n beetje alles laten staan en we zijn vertrokken. Charlotte, je hebt nog een diner van me te goed!
Thuis aangekomen onder de douche gedoken en om tien uur lag ik in bed. Slecht geslapen, vroeg wakker.

Zondag nog erg zwakjes, maar het ging al beter. Maar toch nog wel zenuwachtig. Van alles gedaan die dag. Niet alleen de cameraspullen en de gewone tas gepakt, maar ook een schema gemaakt en een overzichtje met de belangrijkste gegevens van de clubs. En ook een smoelenboek. Er lopen hier tal van interessante mensen rond. Voorzitters van voetbalclubs, nieuwe spelers en ook anderen. Mensen die interessant zijn om op de foto te zetten. Van Maurice had ik een lijstje namen gehad en deze heb ik allemaal even opgezocht op internet zodat ik weet hoe ze eruit zien. Dat even in een documentje gezet want zoiets is altijd makkelijk.

De dag vloog voorbij. s'Avonds nog rustig op de bank een film gekeken, want ik moest me echt even ontspannen.
Ik ben geen druk persooon, niet erg snel gestressed. Je maakt me niet gek zeg maar. Maar toch was ik op een rare manier zenuwachtig. Ik heb geen vliegangst of hoogtevrees.
Het is heel simpel met een vliegtuig; vanaf een bepaalde hoogte gaat het altijd mis als je als een baksteen naar beneden komt. Dat is een wet; de zwaartekracht. Daar doe je niets tegen en het heeft dus ook geen zin om je daar druk over te maken. Waarom krijg ik mensen met vliegangst dit dan niet uitgelegd? Misschien heeft dat iets te maken met het neerstorten.
Geen idee wat mijn ongerustheid nu was. Ik zou wel zien.

Dag 1

Maar maandag was het zo ver. Op tijd eruit, iets later dan normaal, maar toch op tijd. Om half acht in de auto naar Schiphol en onderweg vond alles wel zijn plaats. Ik werd wat rustiger nu het zo dichtbij kwam. Ik was op ruim op tijd op Schiphol, ik was dankzij Maurice en eigen research volgens mij voldoende voorbereid. Het lag nu niet meer in mijn handen en ik moest er op vertrouwen dat het allemaal goedkwam.

Op Schiphol aangekomen naar de balie gelopen van Turkisch Airlines. Daar mijn ticket laten printen en ik kon meteen inchecken, dat was net open. Dus dat maar meteen gedaan en doorgelopen. Voorbij de douane en dan op weg naar de gate. Anderhalf uur te vroeg, maar beter te vroeg dan te laat denk ik altijd maar. Ze zullen de vlucht heus niet vervroegen, maar ik had in ieder geval de tijd om alles op mijn gemak uit te zoeken en te bekijken. Geen problemen bij het inchecken met de handbagage; de tas van Moos (laat ik hem zo noemen) en de laptop werden handbagage en de reistas ging naar achteren. Deze zou in Istanbul automatisch geladen worden in het toestel naar Antalya.

Nadat de gate geopend werd kon ik daar gaan zitten wachten. De eerste echte controle van de douane/beveiliging.
Je mag tegenwoordig namelijk niets meer. Je mag geen explosieven meenemen, radioactief materiaal is verboden, scherpe voorwerpen zijn niet toegestaan. Op die manier gaat de lol er wel vanaf natuurlijk.

Maar als ze zeggen dat iets niet mag, gaan ze er niet vanuit dat je luistert. De gate binnenkomen betekende; laptop uitladen en in een kratje, de tas van Moos in een kratje, mijn jas en ticket in een kratje, mijn inhoud van mijn zakken alsmede mijn horloge, riem en sleutels in een apart zakje en dan mocht ik verder.
Door de bodyscan. Handjes netjes omhoog en twee tellen later mocht ik doorlopen. Vervolgens weer op twee gele stippen gaan staan en gefouileerd worden. Vestje open ritsen zodat ze beter konden voelen. En toen was het wel weer genoeg vonden ze.

Je bent ongeveer weer vijf minuten bezig om alles aan te trekken, maar ach, het hoort er tegenwoordig bij. We willen allemaal een veilige wereld en we zijn bereid om ons daar zo voor te laten behandelen. We hebben eigenlijk ook geen keus, maar goed.

In het vliegtuig zat ik bij de nooddeur. Ik had bij het inchecken de keus en dit garandeerde de meeste beenruimte. Deze was ook wel extreem. Met mijn benen gestrekt kwam ik nog niet halverwege de ruimte die er was. Dit was ruim twee meter. Het enige nadeel was dat die nooddeur een rond raampje van een centimeter of acht had. Ik heb op de reis een heel klein stukje van Schiphol voorbij zien razen en daarna was het gedaan met het uitzicht. Wel jammer eigenlijk, maar goed.

Mijn angst/stress was wel voorbij. Ik zat in het goede toestel en we gingen op pad. Tijdens de vlucht heerlijk een filmpje gekeken en me verbaas over hoe hard het eigenlijk opschoot. Met bijna 900 kilometer per uur gaat het wat harder dan mijn Seat had ik zo'n idee. Binnen twintig minuten waren we Nederland al uit. De lunch werd door de vriendelijke dames van Turkisch Airlines al tijdig geserveerd. Een prima pasta, zei het wat weinig. Maar goed, alles is klein in een vliegtuig; de stoeltjes, de schermpjes, dus de lunches ook.

Een kleine tien minuten voordat het vliegtuig zou landen was mijn film afgelopen. Mik het eens uit zou ik zeggen. De daling was al ingezet en we moesten onze gordeltjes ook weer aanhebben, maar ik was er klaar voor. Ik kon niets zien, maar vond het toestel op een gegeven moment voor mijn gevoel wel erg vertragen. Ik dacht nog "Als het zo blijft vertragen, dan donderen we echt naar benenden." Het bleek het remmen op de baan te zijn, zo zacht werd het toestel geland. Dat is in die kleine toestelletjes wel anders zeg maar.

Istanbul Airport. Ik had drie uur in het vliegtuig gezeten en ben gewoon aan de andere kant van Europa. In Nederland mag je op maandagochtend soms hopen dat je in drie uur 50 kilometer aflegd.
En daar sta je dan. Alleen, en je spreekt geen Turks. Geen idee waar ik heen moet. Ik moet weer verder vliegen naar Antalya, maar geen idee hoe ik daar moet komen.
Maar ik heb een Nederlandse mond.

En die spreekt ook Engels. Gelukkig spreekt praktisch iedereen hier Engels. Althans, ik zit momenteel aan de bar in het hotel en ik ben nog niemand tegengekomen die geen Engels spreekt. En geloof me als ik zeg dat ik inmiddels heel wat mensen heb gesproken)
Iedereen is ook vriendelijk en wil me graag helpen. Althans bijna iedereen. Ik kwam er eentje tegen die toch wel in de groep 'echte kenau' valt.

Ik moest namelijk in Istanbul door de douane heen en daarvoor moest ik eerst een visum halen. De 'dame' daar achter de balie was alles behalve vriendelijk. Niet alleen tegen mij, maar ook tegen degene voor me. Ach ja, haar pech moet je dan denken. Een 15-tal euro's verder had ik een papiertje met sticker in mijn handen waarvan ik nu nog niet snap wat ik er in hemelsnaam mee moet, maar ik schijn het te moeten hebben.

Vervolgens door naar de douane. Weer laten zien wie je bent en weer alles inladen in kratjes. Alles weer door de scanner, behalve Jeroentje zelf.
Goed, we konden verder naar 'departures'.

Kijkend op mijn horloge ruim op tijd. Via wat vragen en bordjes volgen de gate hebben kunnen vinden. Maar uiteraard eerst weer door de security. Deze keer moesten zelfs mijn schoenen uit. Had ik nu maar dat paar sokken zonder dat gat erin aangetrokken. Maar die man zal wel eens erger hebben gezien hoopte ik.
Door de security gekomen eens kijken of ik ergens koffie kon scoren, en misschien wel een hapje erbij. Aan de andere kant van de terminal ergens beland en koffie geregeld. Nog niet helemaal op: "last call for flight to Antalya, now boarding at gate 105". Zo, dat is lekker rap. Wel heel erg rap. Als mijn bagage er maar inzit. Koffie achterover slaan en naar de gate dan maar.

Daar ingechekced en ik kom inderdaad in een redelijk vol vliegtuig terecht. Al snel werden we ook daar van de gate geduwd. De schemer was inmiddels al aan het intreden en deze vlucht had de beenruimte plaatsgemaakt voor uitzicht. Heb ik dus toch nog iets kunnen zien tijdens het opstijgen.
Hier geen film, helaas. Wel een broodje om te eten en ik had een tijdschrift gevonden. Af en toe eens naar buiten kijken hoe de maan schitterde over het wolkendek.

Na een tijdje werd de landing weer ingezet. Ik voelde het aan mijn oren, dat was zelfs na het uitstappen nog steeds zo. Mooi om Antalya trouwens zo te zien liggen. We naderden vanuit het noorden maar we moesten aanvliegen vanuit het zuiden. Dus over Antalya, keren op de middellandse zee en ik zat precies goed om alles op de grond te zien. Mijn oren plopte als kleine kaboutertjes, maar het uitzicht was geweldig. De landing ging iets minder rustig, maar nog steeds rustig.

Uit het toestel gekomen kwam nu de echt puzzel. Op naar het hotel. Eerst maar eens mijn tas regelen.

Weet je hoe teleurstellend het is als bijna de hele buts reizigers zijn tas heeft en jij met twee anderen niet?
Ik wel. Da's heel vervelend. Gelukkig nam een stewardes ons mee naar de lost and found waar het geregeld kon worden. Mijn naam werd ingetypt en er werd al meteen geroepen dat het waarschijnlijk een uurtje later met de volgende vlucht zou komen. Het zat hem in mijn overstap waarschijnlijk. Dat klonk dan op zich nog niet zo verkeerd.

Vervolgens een berg formulieren ingevuld, omschreven hoe mijn tas eruitzag en wat erin zat. Mijn hotelgegevens doorgegeven en vervolgens kreeg ik te horen dat ze hem naar het hotel zouden sturen (als ik ze goed begreep)

Maar dat kon natuurlijk niet. Zo dom als ik was las ik voor de vlucht dat je geen Lithium-batterijen mee mocht nemen in je handbagage. Ik had dus al mijn camera-accu's in die reistas zitten. Ook mijn flitser. Die had ik nodig. Ik kan niet wachten tot die koffer in het hotel zou zijn. Nog geen stress, ik zou een uur wachten. Dat mocht gelukkig ook. Maar ik wilde wel die hal uit. Daar was niets te doen behalve bagagebanden en dan meteen de deur.

Dus ik weer voorbij de security, samen met de mevrouw van lost en found. Er hoefde niets gecontroleerd te worden, dus het poortje ging af als een gek. Maar ik kon doorlopen. Ik zou me een uurtje later weer melden.

Buiten aangekomen in een café een kopje koffie gedronken. Het personeel daar hemel en aarde laten bewegen om een grote kast te laten verplaatsen. Daar zat een stopcontact achter en dat was erg makkelijk voor mijn laptop. Misschien had ik wel internet en anders kon ik de tijd doden. Nog even een telefoontje gepleegd en toen was het uur wel voorbij. In de tussentijd ook de huurauto alvast geregeld en bekeken, maar afgesproken dat ik deze later op de avond pas mee zou nemen; eerst mijn tas regelen.

Maar kom het vliegveld maar eens op daar. Leg bij de security aan de voordeur maar uit dat je geen ticket meer hebt terwijl ze dat wel willen zien. Nee, ik heb al gevlogen, ben een uur geleden geland, ik moet alleen mijn tas hebben. Alles weer door de scanner, riem af, horloge af, telefoons in een kratje, alles van voor af aan.

Kom ik bij de vertrekhal bij de security daar aan. Natuurlijk zelfde verhaal; riem af, horloge af, telefoons, laptop apart, fototas, jas in kratje. De hele rambam. Schoenen mochten aanblijven dus het aparaat ging af. Dus ook nog even fouileren. De dames vonden het scherm wel erg interessant. Het waren drie jonge dames en ze vroegen zich af wat er in zou zitten. Eentje kwam met fotoapparatuur aan. Ik vertelde dat het klopte en dat ik hier was om foto's te maken. Eentje wilde wel een foto van hun, maar ik kreeg ze niet uitgelegd dat dat niet ging omdat mijn accu's in mijn reistas zaten die ik kwam halen. Maar ach.

De dame bij lost and found zag me al aankomen en nam me mee naar de juiste band. Daar kwam mijn tas al aan. Gelukkig. Alles prima in orde en ik kon vertrekken. Natuurlijk een handje gegeven, want ze was wel erg vriendelijk.

De huurauto was een Hyundai I20. Een witte met vijf deuren. Airco erin, maar het belangrijkste wat erin zit; een aansluiting voor een usb-stick voor de MP3's.
De Turkse radio is klaarblijkelijk erg nationalistisch ingesteld, net als die in Frankrijk. Franse muziek kan nog wel een beetje, maar Turkstalig is echt abracadabra. Daar kan ik niet op meezingen. En ergens moest ik nog een USB-stick hebben. Ik twijfelde thuis al of ik voor Iron Maiden of voor Dolly Parton ging, dus ik had besloten alles maar op MP3 mee te nemen. Gelukkig deze week dus wel goede muziek in de auto (ja, smaken verschillen dat dan wel)

Ik draai de sleutel om en rijd langzaam naar de uitgang van de parkeerplaats.

En nu? Links of rechts? De keuze werd gemaakt, ik kon alleen links.
Maar ik wist eigenlijk niets. Ik reed in Antalya en moest naar Belek. In Nederland wel op Google gekeken en zo gelukkig wel een idee, maar dit zou nog een echte uitdaging worden. Misschien dat die 12 jaar scouting nu toch hun waarde laten blijken.

Autorijden in Turkije is ook een hoofdstuk. Laten we beginnen met het feit dat de verkeersdrempel kennelijk niet in Nederland is uitgevonden. Die hebben ze volgens mij hier verzonnen. Ik had nog geen kilometer gereden en had er al zeker 10 gehad. En geen kleintjes.

Geen idee hoe hard ik mocht, reed ik achter een bus aan richting de utgang van het vliegveld. Ik zag het bord Alanya en ik wist dat Belek tussen Alanya en Antalya lag. Voor mijn gevoel ging ik ook de goede kant op, dus ik vertrouwde op mezelf.

Het rijden hier gaat wat anders. De richtingaanwijzer wordt hier gebruikt wanneer het uitkomt. Of dat nu wel of niet van toepassing is. D'r zijn er die hem gebruiken bij het afslaan en d'r zijn er die dat niet doen. En je hebt er bij die hem gewoon aanzetten als ze rechtuit gaan. Raar maar waar.
Ook netjes rijden is hier niet zo gewoon. Je kunt makkelijk met drie auto's naast elkaar rijden alsof het de normaalste zaak van de wereld is. Ik vond het op een tweebaansweg best raar om te zien. Inhalen is hier ook niet moeilijk, dat kan links zoals thuis. Maar als dat niet uitkomt, dan mag het eventueel ook over de vluchtstrook of over de naastgelegen parkeerstroken.
En het rare is, het gaat allemaal ook nog op het dooie gemak. Niet dat gehaaste zoals in Nederland. Nee, men haalt je rustig in over de vluchtstrook met amper 10 kilometer per uur harder.

Ik wist niet of ik nu in lachen uit moest barsten of dat ik van schrik de auto langs de kant moest gaan zetten. Ik koos voor het eerste, dit was echt te gek om waar te kunnen zijn. Ik zou gewoon goed op moeten passen en gewoon alles een beetje op zijn beloop moeten laten en rekening houden met de meest rare dingen, dan kwam het wel goed (hoop ik)
Maar goed, het aantal verkeersslachtoffers zal misschien wel wat hoger zijn, maar nu heeft u ook een vermoeden waar dat wel eens aan zou kunnen liggen.

Waar ligt Belek nu echt? Geen idee. Misschien is een kaart geen dom idee. Ik wist dat De Graafschap buiten Belek trainde en wist niet waar die plaats lag. Tijd voor een tankstation om een kaar te halen. Nog echte service daar. Mijn schone ruiten werden er nog schoner en men kwam meteen vragen of ik 'petrol' moest hebben. "nee, alleen een kaart."
Een kaart kopen is een hele tour als de mensen van het tankstation net zulk Engels spreken als ik Turks. Maar met gebaren en wat Engelse flarden het is gelukt. Ze wilden me graag helpen daar, ook al koste die kaart geen bal. Belek was wel een klein stipje op de kaart, dus het hotel zou nog echt spannend worden, maar dat zouden we later wel zien.

Belek kwam na een paar kilomter al voor als afslag van de snelweg. Wel een aparte snelweg. We hebben in Nederland ook wel van dat soort wegen. Met halverwege stoplichten. Gebruikelijk is in Nederland dan weer niet dat 50% gewoon doorrijdt zonder ook maar enigzins vaart te minderen. Echt maf.

De afslag Belek genomen verliet ik de matig verlichte snelweg en maakte die plaats voor een net zo brede weg. Hier echter geen strepen en verlichting. Ik mocht links rijden, rechts rijden of in het midden. Ik denk dat ze het nog niet eens raar gevonden zouden hebben als ik dat achterstevoren zou hebben gedaan. Maar dat ging me toch wel te ver.

Onderweg naar Belek reed ik door Side. De kaart kon dus in de prullenbak, want dit was de plaats waar De Graafschap traint. De kaart was namelijk alleen maar bruikbaar om plaatsjes op te vinden. Ze staan zo groot als speldenknopjes afgebeeld, dus een straat in dat dorp vinden is onmogelijk. Da's morgen een aandachtspuntje.

Maar eerst mijn eigen hotel. Google leverde me vooraf een aardige indicatie op. Ik zou later aan mijn rechterhand een grote golfbaan vinden. En die kwam er ook. Zodra die er was, dan moest ik de eerste weg rechts vinden. Dacht ik. Maar dat was dus niet zo. De weg twee keer op en neer gereden, want het stikt hier van de resorts zoals er eentje voor mij was geboekt.

Weer stoppen, weer vragen. "Hotel Papilion? Nee, terugrijden. Bij de stoplichten rechts en dan is het aan je rechterhand." Ik dus weer terug en rechts bij de stoplichten. Na drie kilometer begon ik de bewoonde wereld weer te verlaten. Dat ging niet goed. Weer bij een resort gestopt, weer vragen. "Nog verder naar het zuiden"

Dus weer rijden, gelukkig moederziel alleen op de weg, dus ook geen gekken waar iets mee kan gebeuren.
Maar voor mijn gevoel ging ik veel te ver. Volgende resort weer vragen. En die man wist mij iets heel moois te vragen. Met drie vingers in de lucht; "which?" Tja, blijken er dus drie te zijn. De beste man stuurde me aardig terug waar ik vandaan kwam, maar nog niet helemaal goed. Voor de vierde keer vragen dan maar. Nog verder terug. Het werd wachten op het moment dat frans Bauer komt vertellen dat ik in Bananensplit zit, ik was al drie kwartier aan het rijden en vragen.

Voor mijn gevoel ging ik toch wel weer te ver terug. Het is wat zo zonder Tom Tom. Echt ouderwets. Met een Hollandse mond en gezond verstand een hotel in een land proberen te vinden waar je de taal niet spreekt. Bij een benzinestation maar weer gevraagd en die man riep dat ik nog verder terug moest en bij de stoplichten links.
Ik dus maar weer die kant op en warempel, daar stond een bordje met de hotelnaam. Nu kon het niet meer misgaan.

Bij de ingang keurig de auto geparkeerd en me gemeld bij de receptie. De klok sloeg inmiddels alweer een uurtje of tien (Turkse tijd dan) en al vrij snel was alles daar geregeld. Er werd iemand gebeld en die bracht me keurig naar mijn kamer. Nu is luxe wel oke, maar dat soort dingen vind ik toch altijd wel te ver gaan. Een kruier was niet nodig, maar de dame stond erop.
De man wees me de weg en bracht me naar mijn kamer.

Nu zit ik voor mijn werk regelmatig in Duitsland in hotels, maar een kamer als deze had ik nog niet gezien. Ik ga het je ook niet vertellen, maar dit is de kamer waar ik deze week mag vertoeven:

Anders werd het ook wel een heel saai stukje zo zonder foto's. De badkamer bevat een heerlijk ligbad waar ik zeker ook gebruik van ga maken. Alsmede het zwembad, daarvan hebben ze er hier ook een aantal. Het is maar goed dat ik mijn zwembroek dus bij me heb. Misschien doe ik wel helemaal gek en neem ik nog een duik in de Middelandse Zee. Ik ben er nu toch zeg maar.

Het hotel heb ik nog niet bij daglicht gezien, maar wat ik er wel van heb gezien ziet er geweldig uit. Compleet en luxe. Gaandeweg zul je daar deze week nog wel meer over lezen denk ik zo.
Nu lekker onder de wol, morgen op tijd op en na het ontbijt naar de eerste voetbaltraining. Nu lekker onder de wol, het is hier inmiddels een uurtje of één.

Dag 2

Auw, dit doet pijn. Om kwart voor zeven ging de wekker.
Was het gisteren te laat of vandaag te vroeg? Het eerste wat glimlachend door mijn kop schiet is een excuus; jetlag. Ja, er is natuurlijk een uurtje tijdsverschil, maar jetlag is met zo'n uurtje natuurlijk niet meer dan een flauw excuus. Ik verwijt het feit dat ik kort geslapen heb dan ook maar aan het korte bed; de teentjes moesten buitenboord als ik me volledig uitstrekte.

Het tweede wat me te binnenschiet is dat mijn telefoon niet verzet is en dat het volgens mijn horloge later is dan dat ik gepland had.
Ik spring uit bed, ik heb er zin in. Eerste wat ik doe is naar het balkon lopen. Ik had gisteren al gemerkt dat ik uitzicht op zee had, maar kon daar weinig van merken in het donker. Maar nu was het licht.


Beetje hei-ig met al dat vocht in de lucht. Maar Photoshop kon er wel iets blauws van maken



Het lijkt wel Nederland; ook hier kennen ze regen. Maar desalniettemin laat ik de verse geur van de Middelandse Zee door mijn neus wervelen en word ik wakerder.

Zometeen eerst maar eens eten en dan aan de slag.
Dat eten is net als de rest van het hotel; waar moet ik beginnen.

Ondanks dat het winter is, wordt er niet echt bezuinigd. Eten en drinken in overvloed voor misschien een handjevol mensen en een voetbalclub uit Istanbul zelf.
Ik houd het beschaafd bij een broodje met een stuk vlees wat ik niet kende en twee sneetjes met kersenjam. Glaasje sap erbij en ik kan hier wel op vooruit. Ik ben niet zo'n ontbijttype. Eigenlijk helemaal geen ochtendmens zeg maar.

Onder het genot van mijn ontbijt loop ik in mijn hoofd mijn planning alvast door. Deze ochtend eerst naar AZ. Zometeen dus even uitzoeken waar hun hotel zit en via de persvoorlichter vragen hoe laat het daar begint.
Vanmiddag naar een wedstrijd van De Graafschap. Via twitter en mail al begrepen dat deze is verzet en verplaatst. De Graafschap moet tegen een duitse club en deze hebben hier in de regio nogal wat fans zitten.

Terug op de hotelkamer bel ik de persvoorlichter van AZ. Hij vertelde me dat ze pas om half elf zouden trainen. Het zou een veldtraining zijn bij het hotel. Dat hotel bevind zich in dezelfde straat als waar mijn resort staat dus dat is iets makkelijker dan het mijne gisterenavond was te vinden.

Maar half elf, nog een klein stukje tijd om te doden. Tijd voor een strandwandeling was er wel, het weer echter niet. Ik zou denk nog wel genoeg water over me heen krijgen als het weer zo bleef.
Ik maak op mijn gemak mijn spullen op orde en vertrek naar de lobby om daar even koffie te drinken. Ondanks dat ik niet of nauwelijks ontbijt ben ik wel in staat om zelfstandig een koffieboer in Zuid-Amerika van zijn pensioen te kunnen voorzien zeg maar.

Om een uur of tien stap ik in de auto om richting het hotel van AZ te rijden. Geen idee waar hun voetbalveld ligt, maar dat weten ze bij het hotel wel. Op het kaartje wat ik gisteren bij de receptie hadd gehadd, zag ik dat het hotel aan de andere kant van de straat ligt. Deze ochtend dus in geen geval problemen met het Turkse verkeer. Gewoon doorrijden tot het niet meer kan (of zouden ze in Turkije dan toch nog doorrijden. De clubfotograaf van Go Ahead Eagles, Erik, zat deze week in Budapest en daar kan het wel: https://www.facebook.com/#!/photo.php?fbid=325553274145785&set=a.325553270812452.87552.100000733442916&type=1&theater ) Ik was het in ieder geval niet van plan. Tot op heden zijn een hoop dingen hier al een groot avontuur, maar daar hoefde schade aan de auto niet bij te komen. Ik heb verleden jaar al een dikke 100 auto's in de prak zien rijden, als het er geen 200 waren, en zien is beter dan meemaken denk ik altijd maar.

Het voetbalveld van AZ was niet bij het hotel. Voetbal is op zijn Engels...... Kom, voor de bonuspunten......
Precies; soccer. Maar niet in het hotel van AZ. Het woord soccer was volgens mij erg nieuw voor de dame achter de balie, die overigens verder wel weer netjes engels sprak. Het laten vallen van de naam AZ liet het licht branden. "Ah, football!" Nu zou ik er kunnen hebben corrigeren, maar dat is natuurlijk niet netjes. Maar officieel is het natuurlijk soccer. Football spelen ze massaal een eindje verderop, aan de andere kant van de grote plas.

Ze wilde onmiddelijk een taxi voor me bellen. Dat hoefde niet, want ik had een huurauto. Maar het was volgens haar wel erg ver lopen. Maar dat hoefde niet, want ik ga rijden. Weer de vraag of ze een taxi moest regelen. Goed, ik denk dat ze aandelen had, maar bij het laten zien van de autosleutels viel wederom het kwartje. Ik kreeg een routebeschrijving naar het voetbalveld (andere kant van de straat en aan de kruising aan de linkerzijde, makkelijker kan niet) en ik kon op pad.

De eerste echte dag hier en het eerste werk zeg maar. AZ trainde in de regen en dat is natuurlijk vanuit Nederland wel wat we grotendeels gewend zijn.
Het fotograferen was lastig. Je zit natuurlijk niet in Nederland, daar moet je dus iets mee doen. Laat zien waar je bent zeg maar.
Turkije is, voor wat ik tot op heden heb gezien een land in twee stukken. Enerzijds prachtig en anderzijds een beetje verpauperd.
Dat verpauperde wil je natuurlijk niet in beeld hebben, maar daar is wel voor gezorgd. Alle resorts en alles eromheen ziet er gewoon goed uit. Maar het moet er wel zijn.

Het trainingsveld van AZ lag tegen de bosrand aan en aan de andere kant was een groot hek met gaas ervoor zodat je het voetbalveld ernaast niet kon zien. Er stak nog een klein stukje gebouw uit, maar dat was het. Jammer dat ik geen mooie achtergrond had zoals de kliffen die ik op de foto´s van o.a. Ado terug zie van een collega aan de andere kant van de ´Meditiranian´.
Balen, want dat is waar we natuurlijk voor komen; om te zien hoe AZ zich in Turkije uit de naad traint om de tweede helft van het seizoen kans te blijven houden op de titel.

Het lag er dus een beetje in een verloren hoek bij. En met dat verloren weer was het geen gouden formule. Potdomme, ik had verleden week iedereen verteld dat ik naar het zonnige zuiden ging. Maar dit was alleen een graad of zes warmer dan in Nederland. En minder wind, dat dan weer wel.
Na een babbeltje met de fotograaf die met AZ meereist en de persvoorlichter van AZ aan de slag dan maar.

Toch lastig om te zoeken naar leuke hoeken. De mensen in Turkije hebben niet voor niets zoveel voetbalvelden liggen, het is een geweldige manier om reclame te maken. Ieder resort hier heeft wel een golfbaan en een voetbalveld. Maar overal zullen ze je dat laten weten. Een stapje naar links of rechts kan soms net het verschil uitmaken, maar soms kun je er echt niets aan doen en ben je gewoon de pineut met een foeilelijk logo in je achtergrond. Ik had liever een schitterend stuk natuur van Turkije erachter gezien. De lokale aannemer dacht er destijds anders over.
Maar roeien met de riemen die we hebben. Ik zit nu hier en kan er niets aan veranderen. Ik maak mijn foto's en aan het einde van de training rijd ik die godsgruwelijke lange afstand van maar liefst 300 meter terug naar mijn hotel. Het "Why tell me why" van Anita Meyer haalde nog net het eerste refrein in de auto, maar de radio stond al uit voor het tweede couplet. En dat terwijl het zo'n heerlijk nummer om mee te bleren is. Het is volgens mij de enige manier om de idioterie in het verkeer hier te accepteren.

In het hotel de foto's op de laptop gezet. Ik kan het me natuurlijk niet veroorloven dat er iets met de kaartjes gebeurd waardoor ik zonder foto's kom. Je doet het niet even over zeg maar. Wanneer je klaar bent met fotograferen, zeker in de regen, dan heb je twee prioriteiten. Ten eerste je apparatuur verzorgen. En ten tweede je beelden veilig stellen. Klinkt misschien heel militair; "je zorgt eerst voor je wapens en daarna pas de rest." Maar het is natuurlijk wel zo. Die middag moest ik naar De Graafschap en ik wil niet voor de wedstrijd moeten nadenken of ik de beelden wel had gekopieerd voordat ik op format in de camera druk en alles overschiet. Dan ben ik verder van huis zeg maar.

Het tijd voor de lunch. Laptop mee onder de arm en naar beneden.
In het restaurant aangekomen was er weer keus te over. Kennelijk eten we hier twee keer per dag warm, maar dat mag de pret niet drukken. Ik koos voor een beetje pasta en spinazie in combinatie met gehaktballetjes. Beetje salade erbij en een glas met Abrikozensap en ik kon vooruit. Vanuit een ooghoek zag ik al heerlijke deserts staan, dus dat moest ik even in mijn achterhoofd houden.

Voordat ik mijn lunch had genutigd kwam de voltallige selectie van Trabzonspor binnen. Dat is een Turkse voetbalclub uit hoe kan het anders Trabzon. Als bijnaam hebben ze Karadeniz Firtinasi. Ik zal het even voor je vertalen; De storm van de zwarte zee.
Dat klinkt heel heftig, maar zelfs die voetbalclub verstoort hier niet de rust in het hotel.
In de tussentijd keek ik rustig door mijn beelden heen en speelde ik voor rechter door de goede en de kwaden van elkaar te scheiden.

Na de lunch werd het alweer tijd om langzaam aan alles weer bij elkaar te pakken en naar de andere kant van Belek te rijden. Om drie uur plaatselijke tijd speelde De Graafschap tegen FC Nurnberg. De Graafschap bivakeert in de kustplaats Side, hier een uur verderop. Maar kennelijk is het weer daar nog erger en waren ze uitgeweken naar Belek. Lekker dichtbij, want Side is een uurtje rijden. Daarnaast zaten er in Belek ook veel fans van Nurnberg.

In de auto gestapt had ik wel besloten dat ik een paraplu moest hebben. Na de regen deze morgen zou ik het wel de rest van de week zo hebben en dat kon natuurlijk niet. Een regenpak en zo heb ik wel bij me, maar een paraplu werkt toch fijner. Ik had ook niet voor niets mijn high-tech-paraplu-houder van Manfrotto bij me. Het ding moest wel gebruikt worden.

Ik moest dus op zoek naar een paraplu. Waar? Ja, niet bij een tankstation. Dat wist ik al na vijf minuten rijden.
In hartje Belek dus maar geparkeerd en het winkelcentrum ingelopen. Nu spreek ik geen Turks, maar lezen gaat me ook niet zo goed af. Ik weet inmiddels dat Market gewoon de superkmarkt is, maar daar hebben ze geen paraplu. Om de hoek kwam ik een winkeltje tegen waar ik kon kiezen uit twee exemplaren. Een zwarte en een rose met iets wat volgens mij het best te omschrijven is als een my little pony met een iets wat rare snuit (nee, geen olifant)
Ik koos de zwarte, als je anders zou denken.

Ik mocht in Euro's afrekenen of in Lira. Doe maar in Lira. Het werden er vijftien. Omgerekend werd het dus 6 euro nog iets. Ik ben benieuwd wat ik in Euro's moest hebben afgerekend. Het is maar goed dat ik voor vertrek nog had gecontroleerd dat ik geen Griekse Euro's mee zou hebben genomen, die zijn hier natuurlijk echt niets meer waard. Maar ik had een paraplu en kon op pad.

Het veld waar op gespeeld werd lag er onberispelijk bij. Daar kan menig club in Nederland nog een puntje aan zuigen. Ik kom soms wel eens op knollevelden die de naam grasmat niet helemaal waardig zijn. Maar dit leek wel een biljartlaken.

Helaas zag ik dat het veld was omgeven door een hoog hek. Drie meter aan de ene kant en verders overal zeker vijf meter hoog. Binnen de lijntjes blijven is hier kennelijk ook niet zo gewoon. Maar dat leren ze op straat zeg maar.
Het hek stond ongeveer een meter van de veldbelijning af. Beetje kort erop zeg maar, maar goed, het was niet mijn eerste wedstrijd.

Er was één toeganspoort waar iedereen doorheen moest. Ik zag eerder al een andere fotograaf door het hek gaan en ik wilde hem vijf minuten later volgen. Eerst moest ik nog even een foto maken van de fans van Nurnberg uiteraard. De 'tribune' zag rood van de mensen. Na in wat handen en voeten Duits annex Engels te hebben verteld wat ik kwam doen, mocht ik op de tribune ongestoord mijn gang gaan. Niet iedereen zit er op te wachten zeg maar. Dus je kunt het soms beter even vragen.
Je stapt ook niet een Hells-Angels bar binnen, gooit de sleutels van je Ferrari op de bar en vraagt om een bacardi-cola. Dat is vragen om ellende. Je gaat dus ook niet zomaar je gang op een tribune met zo'n 150 duitsers als je de taal niet spreekt. Zodra er eentje iets roept, dan merken ze zo dat je geen duitser bent en dan kan het wel eens gezellig worden zeg maar. We kunnen ons allemaal wel voorstellen hoe de gemiddelde voetbalsupporter in Nederland is. Op zich poeslief, maar er zitten altijd rotte appels tussen.
Dus je begint met je excuses aan te bieden voor het feit dat je uit Nederland komt, dan is het ijs snel gebroken. De taalbariere werd ook overwonnen toen er van elders een duitser moest komen die ook Engels sprak.

Vervolgens kon ik naar het veld, dacht ik.
Voor het hek stond iemand die daar anders over dacht. Hij was van een of ander sportsmanagementbureau en er was door de arbitrage besloten dat er geen fotografen op het veld mochten. De fotograaf die er al rondliep was van Nurnberg en dat was anders. Uiteraard. Ik mocht wel naast de dugout van De Graafschap, maar dat mocht niet van De Graafschap zelf, ook wel begrijpelijk. En daar loopt een grensrechter voor mijn neus.
Hemel en aarde proberen te bewegen, maar het zat er niet in. Wel kon ik op het platform voor de TV-camera's gaan staan. Op die manier kwam ik wel boven het hek uit. Maar ik zou alleen maar foto's van boven hebben. Daar werd ik niet blij van zeg maar. Op zijn minst. Eigenlijk wel chagarijnig. Ik ben hier niet om foto's van boven te maken. Dat is soms wel mooi, maar nu niet. Nu moest ik beelden hebben van o.a. de nieuwe spelers van De Graafschap en van een paar Duitse spelers. Maar het was dan zo.

Boven op het plateau was het krap. Met drie cameramensen en degene die voor De Graafschap de foto's maakte stonden we naast elkaar. Weinig ruimte om te draaien. Maar gelukkig schikte iedereen wat in en konden we vooruit.
De regen trok wat weg en het zonnetje kwam door. Maar voor hoe lang is natuurlijk de vraag.

Niet lang. Al snel kwam het met bakken naar beneden. Nu is een beetje regen niet zo erg. Veel regen zelfs mooi op de foto. Maar zo tegen het einde van de middag, zonder kunstlicht, zorgt een fikse regenbui toch voor behoorlijk veel licht. Minder wel te verstaan. Het zakte gewoon vier stops in elkaar. Ik bleef mijn iso opschroeven. Bij iso 1600 kwam ik nog anderhalve stop tekort. Da's geen werken, dus ik stopte met fotograferen.
Tien minuten later viel het rustsignaal. De regen klaarde wat op en het werd lichter. Ook de verlichting ging aan. Zou het warempel nog mee gaan zitten?

Nee, dat niet. Na rust kwam de volgende regenbui alweer tevoorschijn en werd het weer donkerder. De kaarsjes langs het veld hielpen er niet echt aan. Ook zou de schemer bijna invallen en dan was er helemaal geen bal meer te beleven. Even een inschatting maken. Met nog een klein half uurtje op de klok besloot ik dat het mooi was geweest. Doorgaan met fotograferen zou geen zin meer hebben, het kwam de kwaliteit niet ten goede.

Terug naar het hotel.
Lekker door de plassen rijden. Drainage is iets wat hier zeg maar niet voorkomt. Het water staat hier zo hoog langs de kant van de weg dat het wel lijkt of Jaques Cousteua hier zijn films heeft opgenomen. Als er geen mogelijkheid is om langs te rijden, dan moet je wel afremmen. Het is gewoon levensgevaarlijk. Soms waren ze echt gewoon tien centimeter diep. Geen gein.
Maar het verklaard wel waarom de wegen zo breed zijn; dan blijft er toch wel ruimte om omheen te rijden.

In het hotel maar meteen verder met de foto's. Het was inmiddels al ruim vijf uur geweest en de beelden moesten door. Ook met het uur tijdsverrschil blijf ik met deadlines zitten. Ik zit wel aan de gunstige kant, maar toch. Zoeken en selecteren. Maar er zat niet echt gruwelijk veel bruikbaars tussen. Het fotograferen op het platform met de anderen zorgde ervoor dat ik niet altijd even vrij kon draaien wat regelmatig resulteerde in een afgehakt handje of zo. Ook was het vaak erg rommelig doordat andere spelers onder of bovenin in beeld kwamen. Op zich niet zo erg, maar als er een hoofdje voor de bal zit, dan kunt u zich wel voorstellen hoe dat eruit moet zien. Niet echt je van het zeg maar.

Ik hield er zeggen en schrijven tien over die ik goed genoeg vond. Die tien dan ook maar doorgestuurd. Samen met de beelden van de training van AZ. Vervolgens nog wat mailcontact gehad met Nederland. Daarna werd het tijd voor het diner.

Net als de lunch kwam me daar ook weer niets tekort. Maar wat ik bij de lunch vergat, kon ik nu natuurlijk niet laten staan; de toetjes. Niet dat ik er mee begon hoor. Ik begon heerlijk met een kippensoep met vermicelli. Het was alleen wel even schrikken toen ik zag dat deze rood was. Ik verwacht natuurlijk groene kippensoep. Maar hij smaakte er niet minder om.
Geen idee wat ik verders had. Het was iets op basis van kalfsvlees en erg lekker. Beetje pasta erbij (ik lust geen rijst en heb nog geen aardappel kunnen vinden)
Ook een biertje natuurlijk. Ik blijf wel een gezonde Hollandse jongen en een biertje op zijn tijd is niet slecht. Ik wist van de reclameborden als dat het Efes zou worden, en dat heb ik volgens mij al wel eens eerder op in een biercafé. Het is gewone pils voor Jan en Alleman en smaakt niet anders dan in Nederland. Als ik tijd heb van de week toch nog even in de Market kijken of ik echt Turks bier kan scoren, ik ben wel benieuwd namelijk.

Na het diner even de planning voor de komende dagen herzien, want ik wilde van AZ nog wat meer beelden hebben dan dat ik nu al had. Ik moest daar dus nog een keer naar toe terug. Nu zit dat lekker om de hoek, dus dat is wel prettig.

Ook van de twee nieuwe spelers van De Graafschap, Jansen en Badibanga, wilde ik nog gewoon wat informele portretten hebben. Dus even bellen met de persvoorlichter van De Graafschap en even met die van AZ omdat ik daar ook nog een portretje wilde maken.
Ook was de wedstrijd van AZ verplaatst, dus dat moest ik ook nog even opzoeken. Lang leve Google Maps wat me deze week echt 'in leven' houdt.

 Dag 3

Beetje uitslapen tot kwart voor acht. Moet kunnen lijkt me.
Het zijn zo best drukke dagen. Deze keer probeer ik het wat kort te houden, het is nu tien uur en ik ben eigenlijk nog niet klaar met alles. Ja, hard werken en sober leven. Hoewel, sober valt mee hoor.

Na het ontbijt even gebeld met de persvoorlichter van Heracles. Het was inmiddels iets over negenen en ik vroeg me af waar ze trainden. Ik had al gezien dat ze vlakbij het hotel zaten waar gisteren de wedstrijd van De Graafschap werd gespeeld. Maar dat wil niet zeggen dat het voetbalveld daar ligt.
Het programma van Heracles werd deze ochtend in twee delen gesplitst. Een groep ging naar het strand voor een wandeling, ze hadden vanmiddag een wedstrijd en deden rustig aan. De spelers die niet zouden spelen zouden een normale training afwerken.

De strandwandeling leek me het interessantste. Maar deze zou om half tien van start gaan. Inmiddels was het al kwart over tien. Ik hing nog aan de lijn met de persvoorlichter en was met mijn andere hand al druk doende om mijn jas aan te trekken en mijn spullen om te hangen. Een kwartiertje om bij hun hotel te komen zou ik hard nodig hebben.

Geheel in Turkse rijstijl reed ik naar het hotel van Heracles. Het weer was dieptriest. Ik heb hier nog niet zoveel regen gezien als vandaag. Dikke druppels vielen op het wegdek en die komen daar dan niet meer vanaf.
Ik reed door plassen waar ik aan het einde van de plas zeker 30 kilometer aan vaart verloor.
Het is overigens wel fraai om aan beide kanten van je auto het water tot 2 meter hoogte op te zien spatten. Da's een hoeveelheid die verstouwd wordt waar je zeker een bad mee kunt vullen denk ik (da's eigenlijk nog niet eens zo stom, ik ga na dit verhaal denk ik eens lekker in bad)

Bij het hotel van De Graafschap werd door de portier wel wat moeilijk gedaan en men moest even bellen. Je mag er namelijk niet zomaar oprijden. Maar zo lui als ik ben wil ik ook niet lopen. Daarnaast heb ik al een tweede hernia en zijn we niet uit naar een derde. Ik wil dus nooit teveel sjouwen.
Uiteindelijk mocht ik toch doorrijden en na het parkeren van de auto liep ik naar de entree.

Daar zaten de spelers al te wachten. Toch niet op mij?
Nee, er waren er nog twee die ontbraken. Daar even op gewacht en we konden vertrekken.

Langs het zwembad liepen we naar het strand. Dikke druppels kwamen naar beneden, het marmer was glad als ijs onder mijn schoenen. Wanneer je een groep die loopt moet fotograferen, dan heb je het extra lastig. Die groep gaat heus niet even wachten en jij moet voor de groep uit zijn, foto's maken en de groep weer inhalen. Dat is dus letterlijk hollen en stilstaan. Bekaf door de stromende regen plaatjes maken. Maar wel ruig weer. Helaas kunnen de sluitertijden niet hoog genoeg om de regen ook echt dikke druppels te laten zijn zoals bij een wedstrijd.

Na een dikke 500 meter over het strand haak ik af. Ik schud de persvoorlichter nog even een hand en vertrek richting hun trainingsveld. Dit is weer vlak bij mijn eigen hotel, dus ik rijd het hele stuk weer terug. Door de plassen uiteraard, er is hier namelijk weinig tot geen riolering onder de wegen voor afvoet van dat water.
Waarschijnlijk regent het hier zo weinig dat dat te duur is. Zul je straks zien dat alle regen die in 2012 is gevallen in deze regio, dat grotendeels in deze week heeft gedaan.

De overige spelers van Heracles trainen er maar verlaten bij. Het is maar een klein clubje van een man of 8. Ze spelen een soort van partijtje. Ik babbel tijdens het neerzetten van mijn spullen met iemand van de staf en vertel ze dat ze beter weer hebben dan de spelers bij de strandwandeling. Dat konden ze niet echt makkelijk geloven. Ik geef ze geen ongelijk, maar ik vond het op het veld beter dan op het strand.

Wel werd me verteld dat ze niet lang door zouden gaan. Het weer was eigenlijk gewoon de spelbreker en ze wilden ook niet te druk doen met het oog op de wedstrijd van vanmiddag. Kort de tijd dan maar. Ik kan nog net wat actiebeeldjes maken van die oefenpot.

Ik had de dag ervoor op de website van Heracles al mooie bergen in de achtergrond zien liggen. Die wilde ik ook op de foto. Helaas ging dat niet lukken met de regen. Het zicht was te kort; de bergen zaten achter een dik grijs wolkendek. Helaas.
De training werd na inderdaad krap tien minuten afgebroken. Jammer, want ik had hier wel meer uit kunnen halen.
Maar het gaf me in ieder geval volop de tijd voor de volgende klus; twee spelers portretteren bij De Graafschap.

En De Graafschap verblijft in Side, hier even verderop. In tegenstelling tot wat ik eerder deze week dacht, bleek Side hemelsbreed een kilometer of 35 verderop te liggen. Volgens de routeplanner zou dat een uur rijden zijn. Dat leek me stug, maar het was bijna elf uur en ik had om half een afgesproken.
Tijd genoeg, ware het niet dat ik wel wist waar ik Side kon vinden, maar het hotel werd iets anders.
Ik wist dat het aan de kust was. En nu weet jij net zoveel als ik vanmorgen.

De rit naar Side verliep redelijk. Ik reed vanuit Belek naar het noorden en sloeg bij de snelweg rechtsaf. Dan zou het alsmaar rechtdoor zijn tot de volgende grote plaats. Daar zou het ten zuiden van zijn. Maar daar zou vast wel een bord staan.
De rit ging gepaard onder de klanken van o.a. Sandra Kim, de Dolly Dots en mijn favoriet; Dolly Parton.
Althans, voor een kwartiertje dan.

Tot op heden waren al mijn autoritten vergezeld van dergelijke muziek. Muziek waarin Toni Cristie en K3 nog het hoogtepunt vormden. Het is gruwelijk fout, maar o zo lachen soms. Maar inmiddels kwam het Heeya Mama me wel de keel uit. Het leek wel echt vakantie waar ik in de spiegel dan nog twee van die koters zou zien zitten.

De muziek werd ingeruild voor iets serieuzers. Ik koos voor Iron Maiden, iets wat beter bij de Turkse rijstijl zou passen. Onderweg naar Side regende het nog steeds. Maar op een bepaald moment stopte het met hard regenen.
Toen begon het namelijk gewoon ECHT hard te regenen. Het wordt er echt niet grappiger op zo.

De afslag Side doemt op. Hier moet ik eraf. En dan bordjes volgen. En zoeken naar de naam van het hotel van De Graafschap. Misschien heb ik mazzel, waarschijnlijk niet.

Ik rijd Side door en kom bij een schitterende Ruïne. Ik wist dat er een museum daar in de buurt lag, en een bordje wijst me daar op. Die Ruïne is iets wat gewoon ooit een compleet dorp moet zijn geweest. Helaas geen tijd om te stoppen, want ik wil naar het hotel. Beter te vroeg dan te laat.

Ik rijd langzaam verder en kijk regelmatig rond. Schitterende oude vervallen muren, zuilengallerijen en funderingen rijgen het landschap aaneen. Ik moet hier echt nog een keer naar toe terug. Is het niet deze week, dan is het wel een andere keer. Dit is zo interessant en mooi. Ik baal dat ik mijn GoPro niet op de ruit heb zitten, ik heb hem niet eens bij me. Dan had ik het allemaal wat makkelijker kunnen laten zien, nu moet je het doen met omschrijvingen.

Via een grote poort rijd ik door de oude stadsmuur en kom ik bij de toeristiche kern van Side. Ik rijd stapvoets door zonder nu in de gaten te hebben of ik hier wel of niet mag rijden. Ik rijd maar door. Als ik commentaar krijg, dan ben ik wel de domme toerist.
Ik kom bij de zee aan. Ik kijk links, ik kijk rechts. Geen hotel links, geen hotel rechts. Wat een surprise.
Even vragen in een schoenenwinkel dan maar. Daar wordt ik meegenomen naar de volgende winkel naar iemand die beter Engels spreekt. Ook hier weer niets anders dan vriendelijke en behulpzame mensen. Het doet me denken aan hoe Nederland ooit was en hoe ik het toch graag zou zien. Helaas zijn die tijden denk ik wel voorbij.

Ik krijg te horen dat ik terug moet naar de boog en dan rechts. Dan is het na een tijdje aan de rechterhand. En warempel, de man heeft gelijk. Ik zie het resort waar De Graafschap overwintert liggen. In de tussentijd toch nog even midden op de weg stoppen bij die oude bouwwerken. Toch een camera pakken en een kiekje maken. Ik zal hem morgen opzoeken, nu is het laat.

Ik mag bij de portier na het achterlaten van mijn ID doorrijden naar de entree. Daar wilde ik eerst eens rondkijken naar een geschikte lokatie binnen. Nu vind ik dat je dat niet zomaar kan doen en ik meld me dan ook even netjes. Ik zeg wie ik ben, dat ik een afsrpaak heb om foto's te maken, maar dat ik graag eerst nog even rondkijk.

Ik kreeg het gevoel niet echt begrepen te worden, ik moest alles drie keer vertellen. Tegen drie verschillende mensen. Lastig zo. Maar gelukkig was de persvoorlichter van De Graafschap in de lobby en kwam hij naar me toe.
Toen werd het snel opgelost en konden we vooruit.

In eerste instantie hadden we om een uur afgesproken. Na de lunch. Dat kwam hun het beste uit. Misschien dat er eentje voor de lunch even tijd had om half een. Daar had ik dan ook op gehoopt dus ik was op tijd. Het was op dat moment kwart voor twaalf.
Er was echter al een speler beschikbaar. Hij was onderweg van, ik denk, zijn kamer. Zijn wedstrijdshirt moest ook nog even gehaald worden. Of ik een kleine tien minuten kon wachten. "Geen probleem, dan zoek ik in de tussentijd een geschikte locatie."

Door de lobby lopend zag ik op een gegeven moment een plek waarvan ik dacht dat het wel kon. Er waren grote ruiten met voldoende licht en met een flitsertje erbij kon ik daar wel een balans tussen binnen en buiten maken.
Ik wilde echter wel een hoop banken even net iets aan de kant. Leg dat maar eens uit aan iemand die alleen maar consumenten-Engels spreekt. Da's Engels wat zich beperkt tot Yes, No, thank you, en de drankenkaart.

Op een gegeven moment het meisje maar aan de arm genomen en met handen uitgelegd dat de bank verplaatst moest worden, ik mijn foto's zou maken en dat ik dan alles weer terug zou zetten. Dat was geen probleem. Na vijf minuten kwam ze zelfs nog terug met een vochtige doek om de tafel nog extra af te doen (die overigens niet op de foto kwam hoor)
In de tussentijd kwam de persvoorlichter van De Graafschap weer terug. Samen met de man die de stukjes voor de website schrijft en ook het fotoverslag voor de website maakt. Het is immers tegenwoordig ook erg belangrijk dat de achterban van iedere minuut op de hoogte blijft.
Het is inmiddels 2012 en met al die smartphones is het gewoon erg interessant om alles op de minuut dat het gebeurd te weten. Via medium als Twitter blijf ik, samen met de mensen in Nederland, ook erg snel op de hoogte van eventuele veranderingen.

Ik maak mijn foto's en geef de speler een hand. Nu moet ik even wachten, de andere speler is aan het herstellen van een blessure en is bij de medische staf. Die zouden hem echt niet laten gaan. Wachten dus. Dat zou wel na de lunch worden, maar ik werd uitgenodigd om mee te eten.

Ook hier was het eten prima verzorgd. Niets over te zeggen. Onder het genot van die heerlijke lunch kletsten we over van alles en nog wat en kwamen we er ook achter dat we het wel eens waren over het feit dat dit misschien door de mensen in Nederland als een vakantie wordt gezien, maar dat het toch verdomd hard werken is.
Na de lunch is het wachten op de speler. In de lobby zitten we in een zitje. De beste jongen moet zich toch nog even extra scheren! Wij dus wachten en wachten. En ik moest die middag ook nog naar de wedstrijd van AZ - Werder Bremen.

Maar op een gegeven moment was het toch zo ver. Wij naar buiten, want inmiddels was het onverklaarbare gebeurd; de zon was doorgebroken. Zon mensen. Dat schijnt die vuurbal te zijn die hier hoog aan de hemel staat. Kan me niet herinneren dat ik die deze week al had gezien. Maar als hij schijnt, dan wil ik naar buiten ook. Dan kan ik ook een beetje van Turkije laten zien.

Hoe graag ik ook naar die ruïnes zou willen, weet ik dat dat er niet inzit. Ik had om twintig minuten per speler gevraagd, maar er maar tien gehad. De rit alleen al zou die tijd daaraan spenderen. Maar desalniettemin kreeg ik ruimschoots die tien minuten. Heerlijk die ontspannenheid die er bij De gRaafschap heerst.

Enerzijds gun ik ze het beste de tweede helft van de competitie, maar ik moet niet vergeten dat ik uit Waalwijk kom en daar zit ook nog een clubje wat om dezelfde punten speelt en vecht om te overleven in de competitie.
Wanneer De Graafschap in Waalwijk komt, dan wil ik ze met liefde en plezier een hand geven, maar de punten blijven in Waalwijk natuurlijk.

Tijdens de laatste foto's wordt ik gebeld. Ik kijk op mijn telefoon en het is Nederland, belangrijk. De eerste keer druk ik weg. Er wordt meteen weer gebeld. Even snel opnemen en zeggen dat ik zo terugbel, nog een paar minuten. Ik krijg te horen dat de wedstrijd van AZ is verzet. Zowel qua tijd als locatie. Het is nu op het trainingsveld van AZ. Da's in ieder geval dichterbij dan de eerste plaats.

Ik vertel dat ik zo wel even terugbel om het rustig door te spreken want ik was foto's aan het maken.
Ik werk de foto's af en bedank ook deze speler voor zijn tijd. Ik geef de persvoorlichter nogmaals een hand en bedank hem voor alle medewerking.

Ik loop terug naar de auto. Mouwen opgestroopt, autoraam open. Zo met de zon is het meteen lekker warm.
Ik bel naar Nederland. De wedstrijd zou om half vier beginnen. Turkse tijd of Nederlandse? Dat moest Nederlandse zijn, anders was het al snel te donker. Shit, het is nu twee uur en een half uurtje terug haal ik nooit.

Ik doe toch een poging en rijd wederom in Turkse stijl naar Belek terug. Het is nu droog en dan kan het ook wat harder. In drie kwartier tijd sta ik voor het trainingscomplex van AZ waar ik net de bus van Bremen aan zie komen rijden. Ze waren dus nog niet begonnen. Kijk, da's erg prettig.

In tegenstelling tot gisteren mag ik nu wel het veld op. Hier was ook ruimte genoeg om alles heen. En we waren hier ook met meerdere fotografen. Ik zat tussen twee Duitse fotografen in tijdens de eerste helft. In de dode momenten een beetje bij zitten kletsen over hoe zij het hadden.

In de rust nog met een Duitse journalist staan kletsen over van alles en nog wat. Zijn oma kwam uit Venlo en hij was zelf nabij Venlo over de grens opgegroeid.

Halverwege de tweede helft besluit ik dat het welletjes is geweest. Het is te donker om inmiddels nog iets fatsoenlijks te kunnen doen. De kunstverlichting is wel aan, maar dat mag niet echt baten. De in te stellen waardes worden te extreem om nog iets over te kunnen houden. Tijd om op te schakelen naa de derde versnelling. De vierde zal ik van de auto niet halen onderweg naar het hotel terug, zo dichtbij is het.

In het hotel aangekomen eerst maar eens de beelden kopiëren en selecteren. Vervolgens een aantal alvast doorsturen voordat ik ga eten. Langzaam aan komt ook het mailverkeer met Nederland op gang. Per dag komen er zo'n 45 mailtjes in de inbox. Daarvan is ongeveer de helft voetbalgerelateerd aan deze week, maar de andere helft loopt ook door en moet toch even snel bekeken worden of er niet iets tussenzit wat terstond geregeld moet worden of wat eventueel nog wel even kan wachten.

Gelukkig zit er niet veel tussen met absolute prioriteit en kan ik dus rustig wat foto's doorsturen. Tegen een uur of zeven besluit ik om te gaan eten, ik had inmiddels wel weer aardig honger. De Turkse toetjes smaken steeds beter en beter!

Na het eten nog verder werken aan de wedstijdbeelden en ook aan de portretten en trainingsbeelden van vandaag.
Het is inmiddels tien uur geweest. Ik ben echt leeg, maar ik moet nog 'bloggen'.

Ik ben er denk ik wel achter waarom mijn eigen blog niet werkt. Het internet hier is op zich wel aardig. Soms is het snel (500kb/s up) maar meestal schommelt het rond een respectabele 80 kb/s.
Het is echter niet fully optional. Ik heb alweer problemen met de Java-applet van één van onze klanten. Ook een link van een website over transfers krijg ik niet geopend; was geblokkeerd om wettelijke dingetjes. Het internet zit hier dus aardig dichtgetimmerd. Waarschijnlijk dat ik daarom ook niet goed kan bloggen. Ik kan wel inloggen, maar zodra ik in de back-end iets wil doen, slaat het vast. Ik zal in nederland wel weer eens kijken.

Vooralsnog, nu lekker in bad en naar bed. Morgen weer druk. Eerst naar VVV om de training te doen en wat portretten te maken. In de middag nog even langs AZ, nog wat extra dingen maken.

Voor nu, weltrusten vanuit Turkije, waar het onweer op de Middelandse Zee inmiddels mythische proproties heeft aangenomen.

Dag 4

Het is half negen. Ik ben nog helemaal verrimpeld van het bad. Ik had er tijd voor vandaag. Momenteel aan de bar met een Efes. Ik heb het gisteren nog nagevraagd, maar er is geen ander bier in Turkije. Helaas. Maar Efes drinkt ook goed weg hoor.
Vanmorgen om kwart over zeven ging de telefoon alweer. Ik gebruik hem uiteraard ook als wekker, niet dat er iemand aan de lijn hing hoor.

Na het ontbijt was het tijd om op padd te gaan. Vandaag moest ik terug naar Antalya. In het Miracle Hotel zou VVV namelijk om half tien de training afwerken. Ik had van Google vernomen dat dat een uurtje rijden zou zijn, dus ik zorgde ervoor dat ik om acht uur de deur uit was. Ik kom namelijk a) niet graag te laat en b) ik zou misschien ook even moeten zoeken.

Om het zoeken deze keer te vergemakkelijken had ik van Google Maps wat schermafdrukken gemaakt. De kaart die ik heb is niet gedetaileerd genoeg en ik met het hier stellen zonder navigatie.
Middels vier schermafdrukken, iedere keer ietts gedetaileerder, vond ik dat ik er wel moest kunnen komen.
En dat lukte. Zonder de schermafdrukken. Ik heb geen fotografisch geheugen, daarvoor steek ik kaartjes in mijn camera. Ik ben een ramp in het koppelen van namen en gezichten; maar als het om je weg weten te vinden aan de hand van een kaart of op gevoel, dan red ik het wel. Noem het een topografisch geheugen.

Ik was dus veel te vroeg. Daarnaast zat Google er weer naast; het was op je ddooie gemak maar drie kwartier rijden. Dus voor de deur van het hotel maar even een half uur staan wachten. Je moet iets op dat moment.
Je kunt best op tijd of iets te vroeg aan komen zetten, maar drie kwartier te vroeg binnen komen lopen is ook zo iets.

Op het moment dat ik aan de stoeprand parkeer komt er een busje naar me toe rijden. Ik had het 20 meter verderop al geparkeerd zien staan. Een man in het busje draaide het raam open en vroeg of ik een taxi wilde hebben. Geef mij eens een goede reden als ik mijn (huur)auto aan kom rijden en parkeer!
Ik dood de tijd met wat er op de USB-stick staat. Een aanzienlijk gedeelte van het repertoire van Texas wordt er doorheen gegooid. In mijn hoofd loop ik na wat ik moet hebben en wat ik morgen nog moet doen. Wat ik eventueel moet regelen en plannen.
Ik kom tot de conclusie dat het niet veel is; alles is wel voorbereid en gepland. Maar het kan nooit kwaad om er nog eens aan te denken. Voor hetzelfde geld schiet er nog iets te binnen. Nu ben ik hier nog, zaterdag ga ik terug.

Om ongeveer kwart over negen rijd ik naar de poort en kom ik via de bewaking op de parkeerplaats.
VVV traint op het naastgelegen voetbalveld en dat kon ik meteen zien liggen. In de verte liepen er al een hoop zwart/geel geklede voetballers rond. Nee, niet die van VV Baardwijk. Hoewel de derde klasser uit mijn woonplaats wel hier op winterkamp was, waren ze net vertrokken toen ik maandag aankwam.
Bij het hek aangekomen tref ik de persvoorlichter van VVV aan. We schudden elkaar de hand en maken een babbeltje.
We hebben het onder andere over het weer. Voor het eerst deze week ziet het er namelijk goed uit. Het is nu niet echt superzonnig te noemen. Het wolkende is maar dunnetjes en soms komt de zon er goed doorheen, maar echt strakblauw is anders.
Ik heb een hoop foto's gezien van de wintertrainingen in Spanje, en daar is het toch echt azuurblauw boven de horizon. Dan moeten wij hier eigenlijk maar afzien. Maar vandaag is het lekker.
Mijn winterjack lag dan ook nog in het hotel en ik had alleen de fleece binnenvoering aan.

De training verliep zonder al teveel ongemakken. Geen dikke druppels die in je nek vallen of dat het zo vochtig is dat je na twee minuten met de camera voor de ogen al een beslagen bril hebt. Niet na tien minuten al het zweet op je rug hebben staan door de hoge luchtvochtigheid of zoekers die onder de druppels zitten, net als je bril.
Nee, dit was wel lekker werken.

Ik kwam bij VVV voor verschillende dingen. Onder andere wilde ik twee portretjes hebben van hun nieuwe aanwinsten. Maar redelijk aan het einde van de training zag ik dat er eentje geblesseerd aan de kant zat. Ik kreeg een beetje schrik. Toch niets ernstigs? En toch niets wat bij mij roet in het eten zou gooien?

Na een kleine vijf minuten masseren komt de speler van de bank af en loopt hij enigzins ongemakkelijk naar de uitgang. Voor hem einde oefening vandaag. De persvoorlichter van VVV zegt hem dat ik foto's van hem kom maken en dat ik meeloop naar de lobby.

Ik pak mijn spullen terwijl de speler doorkuiert. Ik haal hem halverwege in en vraag wat er gebeurd was. Hij vertelde dat hij bijna door zijn enkel was gegaan en dat het wel gevoelig was. Beter was het om te stoppen in plaats van dingen te gaan forceren. Dan zou hij verder van huis zijn. Waarschijnlijk zou hij vanmiddag wel weer gewoon fit zijn om morgen zeker te kunnen spelen. Ik hoop het, want dan kan ik ook nog wat wedstrijdbeeld maken.

De lobby van het hotel heeft het formaat van een vliegtuighangar en staat ook vol met stoelen. Dat is natuurlijk wel een prototype voor een lobby, dus dit was geen uitzondering. Aan een grote glazen pui maak ik mijn foto's.

Ondanks dat hij duidelijk niet zo happy is, is hij toch gewoon professioneel. Ik krijg de tijd en aandacht van hem. Fijn. Ik wil hem niet te lang ophouden en schiet snel een vijftal settings.
Ik bedank hem en groet hem tot morgen en loop terug naar het trainingsveld.
Daar zijn de mannen met de laatste minuten bezig van een oefenpartijtje. Nog twee rondjes uitlopen en ze konden terug naar het hotel. Bij het verlaten van het veld maak ik nog even snel een portretje van de nieuwe trainer en loop ik samen met de perschef naar de lobby.

De andere speler zou daar wachten.
Ook van hem maak ik een aantal foto's, maar naar twee settings krijg ik te horen dat zijn slippers er niet opmogen. Op zich heb ik daar geen problemen mee, hij hoeft van mij zijn voetbalschoenen niet aan hoor. Nee, het ging om de kledingsponsor. Die wordt natuurlijk niet vrolijk van slippers van een ander merkt.
Ik denk aan vroeger, toen sponsoren voor onder andere schoeisel werd ingevoerd en spelers ook verplicht waren op een bepaald merk te spelen. Ergens gaat een annekdote over Kicksen met een ander merk erop. Gewoon omdat die lekker speelden voor bepaalde spelers en de gesponsorde schoenen niet.

Na het maken van de foto's geef ik de voorlichter nog een hand en spreken we af elkaar morgen te zien voor de wedstrijd die ze die middag moeten spelen. Van Dagblad De Limburger loopt er een journalist rond en ik vraag nog even of hij ons morgen aan elkaar voor kan stellen. Er moet namelijk een foto gemaakt worden voor De Limburger en ik vind het vooraf dan wel even prettig om elkaar te hebben gesproken. Als er wensen zijn, dan kunnen die ingevuld worden.

Ik stap in de auto en rijd terug richting Belek. En nu? Ik zou nog langs AZ rijden op de weg terug.
Het is echter kwart over twaalf en die trainen niet op dit moment. Ik pak de telefoon en bel naar de persvoorlichter van AZ. Handsfree bellen is hier volgens mij nog gewoon toegestaan. Ook is het heel normaal om dan 40 te gaan rijden waar je 90 mag. Ja, je moet wel een beetje voorzichtiger rijden als je aan het bellen bent. Voor je het weet gebeuren er ongelukken.
AZ traint deze middag niet. Dat is jammer. Maar morgenvroeg wel. We maken een afsrpaak voor de vrijdag. Heracles dan? Straks eens even kijken. Eerst maar eens terug naar Belek om de beelden op de laptop te zetten en te eten.

In het hotel aangekomen steek ik mijn kaartjes in de laptop en gooi ik een halfvolle accu naar de lader. Ik loop naar de lader toe, pak de accu op en steek hem erin. Ik moet echt beter leren mikken.
In de tussentijd bel ik de voorlichter van Heracles. Ook zij trainen vanmiddag niet, ze hebben vrij Weer pech. Wel hebben ze morgen trainingen en gaan ze ook nog golfen met de sponsoren. Ik ben van harte welkom. Ook bij de wedstrijd die ze zaterdag nog moeten spelen. Helaas pas het niet in mijn schema, morgen ben ik te druk en zaterdag zit rond de aftrap van die wedstrijd hopelijk alweer wat metertjes in de lucht.
We praten nog over wat algemene dingen en de ruïnes in Side komen ter sprake. Dat kan ik vanmiddag natuurlijk ook nog doen.
Ik zat eigenlijk meer te denken aan Belek en omgeving. Maar Side is ook nog een optie. Eigenlijk had ik dat voor zaterdagochtend in de planning staan. Ik mail nog even met het thuisfront zie na de lunch de tip om naar rondlopende spelers uit te kijken die zich vermaken op hun vrije middag.

Ik pak een camera en de flitser en loop op mijn gemak naar de auto. Ingestapt rijd ik naar downtown Belek waar ik parkeer op wat wel een bouwplaats lijkt. Maar er stond echt een blauwe P.

Ik wandel op mijn gemak Belek in en struikel over de ene winkel met handtassen, namaakkleding en al dat andere toeristische gebeuren. De reclames aan de gevels schreeuwen om de meeste aandacht.
Afgezien van de winkeliers zelf is het erg rustig op straat. Hier is niets te beleven. Er zijn geen spelers te vinden en ook fotografisch biedt dit niets interessants. Ik loop een rondje door het centrum, en stop bij de geldautomaat.
Mijn 50 Lira zijn inmiddels op namelijk en het is wel prettig als er wat nieuwe zijn. De geldautomaat helpt me keurig in het Engels. Ik kan er zelfs Euro's of Dollars uithalen. Ik kies maar gewoon Lira, dat wordt hier het meeste gebruikt.
Na het pinnen wandel ik verder en besluit ik dat ik hier mijn tijd loop te verdoen.

In de auto zittende besluit ik om naar Side te rijden. Het geeft me zaterdag wat meer speling. Ik vlieg namelijk rond half vier weer terug en zal tijdig op het vliegveld moeten zijn. Ook moet ik de huurauto nog inleveren en inchecken. Wanneer ik zaterdag naar Side ga, dan loop ik daar ook tegen de klok aan te rennen. Maar ik kan het niet te laat maken natuurlijk. Ik moet ook nog de beelden van vandaag afwerken en doorsturen.

Naar Side rijdende zie ik in de verte een donkere rookpluim. Ik denk aan een verbranding van wat vuil of zo, dat zie je hier wel vaker. Maar deze rookwolken zijn best donker. Voor me zie ik dat alle auto's stilstaan op de weg.
Een heuse Turkse file. Ik zet mijn alarmlichten aan en rem af. Ik houd angstvallig mijn spiegels in de gaten. Het verkeer is hier al anders, zul je zien dat er dadelijk nog een auto achterop rijdt. Daar zit ik niet op te wachten. Om te beginnen moet ik niet denken aan de rompslomp die daar bij komt kijken. Ik weet het wel en ken/kan (ja, dat zijn twee verschillende dingen) het ook wel, maar ik zou denk ik best problemen krijgen als het hier moet. Daarnaast moet ik ook een beetje aan mijn eigen veiligheid denken.

Gelukkig remt het achteropkomend verkeer net zo hard mee en langzaam aan rollen we naar het uiteinde van de file.
In Nederland blijven we keurig langs elkaar staan. Af en toe zit er wel eens een eikel tussen die er tussendoor wil, maar hier is het misschien wel gebruikelijk dat je je auto of vrachtwagen zo ver mogelijk naar voren doorpropt, ook al is het over de vluchtstrook.

Her en der staan de auto's soms vier rijen dik naast elkaar. Het staat echt muurvast. Dit wordt ook nog eens een puinhoop als we hier weg moeten.
Zo'n beetje iedereen is uitgestapt en loopt wat rond, probeert vooruit te kijken, rookt een sigaretje tegen de vangrail of koopt bij de sinasappelboer langs de kant van de weg wat te eten. Die man moet vandaag zijn wereldomzet hebben.

Via via begrijp ik dat er verderop een auto in brand staat en dat de brandweer aan het blussen is. Ik rek mijn nek wat uit en zie een rood zwaailicht. Verders niets.
Wat kan ik doen? Wachten. Ik kan niet voor of achteruit en hoop dat dit niet te lang gaat duren. Aangezien ik net nog rook zag, vrees ik van wel. In Nederland zouden we hier makkelijk een halvemiddag voor uittrekken.

In Turkije is dat gelukkig anders. Na een minuut of tien zie ik vanuit de andere kant alweer auto's aan komen rijden en zie ik iedereen op onze weghelft weer de auto induiken. Gaan we weer rijden?
Gestaag komt het verkeer op gang. Alles moet zich weer op twee banen zien te frommelen en dat gaat meestal goedschiks, soms met veel getoeter en boze blikken. Ja, de echte verkeershufters bestaan hier natuurlijk ook.

Bij de plaats des onheils aangekomen zie ik dat men bezig is met het schoonmaken van het wegdek rondom een uitgebrande auto wat ooit iemands trots was. Het model is een Lada of voormalige Fiat Regata of zoiets geweest. Die dingen zie je hier echt nog veel rondrijden en ik moet zeggen dat er best nog wel een hoop in een fatsoenlijke staat rondrijden. Ja, ook echt oude barrels, maar d'r zitten toch ook nog goed geconserveerde tussen. Het is dat de merken die bij ons populair zijn hier niet zoveel rondtuffen, anders is dit misschien een goede plek voor een klassieker.
Maar natuurlijk ook wel redelijk wat moderne auto's hoor. Vooral Renault is populair. En dan met name het model Clio met kont, wat we in Nederland niet kennen.

Ik kan mijn weg vervolgen naar Side. Bij een rotonde, als ik er bijna ben, springt het licht op rood. Ik stop. Ik moet niet rechtsaf en niet naar links. Ik blijf dus in het midden staan. Het werkt hier een beetje zonder voorsorteervakken, maar het is wel tien meter breed.
Naast me stopt een brommertje met een jongen erop en een oudere man achterop. Beide kijken redelijk boos naar mij in de auto. Geen idee waarom, ik stond hier toch het eerst? Ruimte genoeg. We worden nog even ingehaald door een BMW die maling heeft aan het rode licht en uiteindelijk springt het voor ons ook op groen.
Ik laat de brommer wegrijden, hij stond wel erg dichtbij namelijk.
De brommer houd links en ik verwacht dat hij linksafslaat. Ik houd de ruimte tussen ons, maar kom inmiddels aan de rechterkant langszij. Ik zie dat de brommer niet afslaat en ook rechtdoor rijd. Waarom stond hij dan niet rechts vraag ik me af.

Plotseling springt er voor me een man in een pak de weg op. Rode baret op zijn kop; politie.
Hij wijst en met zijn andere hand wuift hij naar de kant. Bedoeld hij mij of de brommer? Ik kijk hem aan en wijs naar mezelf en naar de brommer. Ik heb mazzel vandaag en ik mag doorrijden, hij moest de brommer hebben.
Goed om te zien dat er hier toch nog wordt opgetreden tegen verkeersovertredingen. Hoewel ik het idee heb dat het een druppel op een gloeiende plaat is.

Na 50 meter bereik ik de parkeerplaats bij Side, althans, daar waar de ruïnes staan. Ik parkeer de auto en het eerste wat ik doe is plassen. Ik moest al sinds het begin van de file, maar kon nergens.
Ik had het idee dat er de laatste dagen al zoveel water naar beneden was gekomen, dat dat vocht van mij geen kwaad zou kunnen.
En liter lichter wandel ik naar de zuilengallerij en loop ik daar tussendoor. Ik verbaas me over de hoeveelheid die hier nog is. Ondertussen maak ik een notitie dat ik me hier terug in het hotel wat in moet verdiepen, dat maakt het verhaal wel wat interessanter.

Het oude Side was een dorp wat rond 700 voor Christus werd gesticht. Tot 1200 werd de stad bewoond, maar na wederom een plundering werd de stad door haar inwoners verlaten. Pas rond 1900 kwamen er weer mensen wonen.
Geen wonder dat er nog zoveel intact is. Het veld licht staat vol met huizen. Helaas heb ik geen tijd voor het theater en de restanten van de tempel, maar wat ik nu zie is al indrukwekkend. Ik kom nog een keer uitgebreid op Side terug, ik houd het nu bij een foto van de fontein die bij de ingang van de stad stond.

Na een rondje tussen de ruïnes te hebben gelopen besluit ik terug te rijden. Fijn om ook eens iets gezien te hebben. Al was het maar half en snel. Ik ben hier niet om vakantie te vieren, er moet gewerkt worden.

De terugrit verliep vlekkeloos. Ik wen steeds beter aan het Turkse verkeer. Het gaat me gewoon makkelijker af. Je kijkt niet meer raar op als er mensen langs de snelweg lopen, je gaat gewoon wat verder in het midden rijden. Ook brommers op de linkerbaan tegen de vangrail rijd je gewoon voorbij. Het blijft gevaarrlijk, maar iedereen blijft er relaxed onder. In Nederland gaan wel al over de zeik als er een vrachtwagen 70 rijd in plaats van 90 (wat ook te hard is) Maar hier kan alles en mag alles. Als je te traag wegbent bij het stoplicht, dan wordt er dus niet getoeterd. Men rijd gewoon om je heen.

Terug in het hotel werk ik mijn beelden af. De namen van de spelers worden snel gevonden en alles verloopt vlot. Het doorsturen gaat iets minder makkelijk als eerder, maar uiteindelijk lukt het. Eerder deze week had ik nog 500 kb/s upload, nu is dat de hele dag al maximaal 60. Als de beelden maar wegkomen, dat is het belangrijkste.
Zo tegen zeven uur is alles de deur uit. Dat is zes uur in Nederland en ruim voor iedere deadline. Geen vuiltje aan de lucht.

Ik heb de avond aan mezelf. Ik besluit om eerst te gaan eten en daarna eens lekker in bad te gaan. Heerlijk zo even liggen in het warme water. Het water van de Middelandse Zee is me te koud, maa aan de andere kant is het ook te donker om te gaan zwemmen op zee. Dat laat ik wel voor een andere keer over. In de zomer of zo.

Morgen de laatste dag dat er gewerkt moet worden. Eerst naar de training van AZ en in de middag naar de wedstrijd van VVV.
Ik kreeg nog een SMS van de persvoorlichter dat de wedstrijd verplaatst was. Dat moet ik morgenvroeg nog even lokaliseren dan, maar dat komt ook wel in orden. "Google is your friend" denk ik dan maar.

Dag 5

Zo, het is kwart over negen. De dag zit erop. Alle foto's zijn weg en ik zit met een biertje aan de bar.
Net weer lekker in bad geweest en Jeroentje is weer helemaal schoon om het zo te zeggen.

Vanmorgen vroeg om kwart voor acht ging de telefoon. Ja, net als gisteren de wekkerfunctie. Ik draaide me nog een keertje om en om acht uur kwam ik er definitief uit.
Ik trek de gordijnen open en word verrast met een strakblauwe lucht en een lekker zonnetje. En dan zeggen ze dat vrijdag de 13e een ongeluksdag is. Nou, als dit de belofte van vandaag is, dan is het alles behalve ongelukkig.

Ik spring even onder de douche en neem een klein ontbijt. Ik ben echt geen ontbijtype, maar als ik zie wat sommige hier in de ochtend naar binnen stouwen, dan wordt ik al lichtelijk een beetje misselijk.
Na het ontbijt loop ik weer naar boven. Ik kreeg gisteravond een sms van de persvoorlichter van VVV dat de wedstrijd van vandaag verplaatst was. Hij was niet op het voetbalveld bij hun hotel, maar op het voetbalveld van het hotel een kilometer of vijf verderop. De persvoorlichter wist niet waar het was en dat moest ik dus nog even uitzoeken.
Internet was niet echt behulpzaam en ik kwam al snel tot de conclusie dat ik wat tijd moest inruimen om het bij het hotel na te vragen en het te zoeken.

Ik keek op mijn horloge; half negen. Tijd genoeg voor de ochtendtraining van AZ. Ik wilde daar deze week nog naartoe terug om nog een paar bepaalde spelers op de foto te zetten.
Een beetje in de war dacht ik dat die training nooit om half tien kon beginnen. Dat is veel te vroeg voor een voetballer.
Ik pak mijn telefoon en SMS de persvoorlichter van AZ. Ik krijg al snel antwoord terug dat het om half elf is.

Dan heb ik dus een uurtje over. Tijd voor wat andere dingen. Ik surf wat op internet en maak vanaf het balkon een foto. Ik vertel tegen Nederland dat ze het zonder dit zonnetje moeten stellen en al snel komen de eerste reacties met de mensen die medelijden met mij hebben.

Net iets voor tienen pak ik mijn spullen bij elkaar en loop ik naar de auto.
Ik open de achterklep en kijk naar binnen. Ik zie dat de brandblusser en het noodpakket niet aan de rechterkant liggen. Vreemd, want daar lagen ze gisteren nog wel. Ik zal wel te hard door de bocht gereden hebben. Ik leg mijn spullen achterin en loop naar het portier. Dat stond open; foute boel.

Het eerste wat ik me bedenk is dat er niets in de auto ligt wat ik eventueel echt zou gaan missen. Mijn Turkse Paraplu, mijn monopod en mijn stoeltje. Ik had niet gepland die eerste nog nodig te hebben. Die andere twee zouden ongemakkelijk zijn om te moeten missen, maar niet gruwelijk essentieel. Het gaat niet om camera's of een laptop.
Ook mijn USB stik zit er nog in. Wel zijn mijn lege flesjes drinken van de voorstoel verplaatst naar de voetenruimte. Er is dus echt iemand in mijn auto geweest. Maar niets weg. Ik controleer de auto op braakschade, maar kan niet echt iets ontdekken. Ik zou hem toch wel goed afgesloten hebben? Ik haal mijn schouders op en start de motor.

Ik rijd nog even naar een benzinestation om wat flesjes water en een cola te kopen. Vervolgens rijd ik door naar het trainingscomplex van AZ. Of liever gezegd terug, want het ligt pal naast mijn hotel.

Ik moet op de parkeerplaats nog even wachten; het is pas kwart over tien. De groep is laat. Ik was gisteren 20 minuten te vroeg bij VVV en die waren toen al bezig.
Al snel komt de clubfotograaf en de man die de film maakt aanrijden. We praten wat en wachten op de groep die klokslag om half elf met de bus aan komt rijden. In plaats van met de bus zouden ze het kunnen lopen. Kunnen ze meteen warmlopen. Nu laten ze een bus rijden om van de ene kant van de straat naar de andere te komen. Maar goed, zo'n bus heeft natuurlijk ook pluspunten.

De training verloopt rustig. AZ moet die middag nog een wedstrijd spelen en ze willen dus niet voluit vlammen. Er heerst een ontspannen indruk en de spelers zijn vandaag in een klapbui. Bij een groot deel van de oefeningen die voorgedaan worden door een assistent-trainer wordt er enthousiast geklapt.
Op zich niet echt iets bijzonders op de training. Na anderehalf uur is het over, de groep vertrekt terug naar het hotel en ik ook.

Ik kijk op de klok, bijna twaalf uur. Snel naar het hotel, want ik moet om drie uur in Antalya bij de wedstrijd van VVV zijn.
In het hotel zet ik de beelden over naar de laptop en maak ik een grove selectie. Deze beelden hebben vandaag niet de prioriteit. De wedstrijd van vanmiddag is belangrijker.

Inmiddels is het half een en is het restaurant open voor de lunch. Ik nuttig snel een kleine lunch. Ik heb voor mijn gevoel te weinig tijd. Ik moet nog naar het hotel van VVV en daar vragen waar het veld ligt. Daarna moet ik daar naar zoeken en ik wil niet om drie uur aankomen op dat veld.
Ik heb namelijk een hekel aan te laat komen en als ik op het laatste moment bij een wedstrijd aankom, dan ben ik zeker de eerste 15 minuten mijn draai kwijt.

Ik stap rond de klok van enen in de auto en rijd richting Antalya. Het Turkse verkeer is vandaag zonder problemen. Ja, nog steeds minimaal drie rijen dik voor het stoplcht, voetgangers op de snelweg net als brommers en ook auto's die 40 rijden omdat mensen bezig zijn met koffie drinken. De gehaaste manier van Nederland zou hier echt levensbedreigend zijn. Ik stel me voor hoe het is om met het aantal auto's in Nederland op ons wegennet en met onze stressende manier van achter het stuur zitten, op de Turkse manier te rijden. Ik denk dat binnen een half uur het gehele land zwaar ontregeld is.
Hier is het verkeer een grotere puinhoop, maar het gebeurd allemaal veel meer ontspannen.

Bij het hotel van VVV aangekomen parkeer ik de aut voor de portiersloge. Er komt meteen iemand naar buiten om te zeggen dat het niet mag. Ik vertel dat ik een vraag voor ze heb en loop naar de portiersloge toe. Ik praat zo snel en loop gewoon door zodat de man me niet weg kan sturen. Soms moet je wat meer op een Duitse manier werken; doordacht n vastberaden zeg maar.

Ik vraag bij de loge waar hun andere trainingsveld is. Ik kom voor VVV en die spelen vanmiddag een wedstrijd, maar niet hier bij het hotel. Ik krijg eigenlijk geen antwoord terug en moet mijn vraag drie keer herhalen voordat ze het beginnen te snappen. De meeste mensen spreken hier wel Engels, maar eigenlijk is het net als mijn campingduits; genoeg om bier te bestellen, maar dan houd het behoorlijk op. Een fatsoenlijk gesprek zul je hier met de meeste niet kunnen beginnen. Geen wonder dat ik maandag bijvoorbeeld zovaak naar mijn hotel heb moeten vragen.

Vanuit de loge wordt er gebeld naar de receptie. Ik krijg de telefoon in mijn handen gedrukt en stel mijn vraag over de telefoon. En nog een keer.
Ik geef de telefoon weer terug, maar er gebeurd eigenlijk niets. Ik vraag nogmaals aan de mensen bij hun portiersloge waar het nu exact is. Zij weer bellen en ik krijg weer de telefoon.
Ditmaal iemand anders aan de lijn, dus ik herhaal mijn vraag nog maar een keer; "Ik ben een fotograaf en ik ben hier voor de wedstrijd van VVV, die bij jullie in het hotel verblijven. De wedstrijd wordt niet op jullie veld bij het hotel gespeeld, maar op het veld van jullie hotel hier een paar kilometer verderop. Waar is dat?"

Als je het zo uittypt, dan is het eigenlijk helemaal simpel. Ook op zijn Engels klinkt dit heus niet ingewikkelder dan dat het al is.
Ik ben blij dat ik op tijd ben, inmiddels zijn er namelijk al 15 minuten voorbij en ben ik nog geen steek opgeschoten.
Maar de man die ik nu aan de telefoon heb begrijpt me volkomen en zegt dat het erg lastig uit te leggen is over de telefoon. Of ik even naar de receptie kan komen, dan geeft hij me graag uitgebreide instructies. Goed, we zijn in ieder geval weer een stapje verder. Iemand begrijpt wat ik bedoel.

Via de portiersloge rijd ik door naar de receptie en sluit daar de auto af, ik controleer het nog een keer en loop naar binnen.
Buiten loopt een dame met een portofoon rond. Die heb ik net niet gesproken, dus ik groet haar en wil haar voorbij lopen. Ze vraagt me voor wie ik kom. Ik zeg dat ik voor de wedstrijd van VVV kom en dat ik bij de recptie te horen krijg waar dat is. Vervolgens zegt ze iets wat ik totaal niet begrijp. Een half Engelse zin en een Turks woord. Ik negeer het een beetje en loop naar de receptie.

Daar wordt ik geholpen door een man die ook niet weet waar het trainingsveld ligt. Ik vraag wie ik dan net gesproken heb? Hem of zijn collega naast hem? Ik kom geen steek verder.
De dame die daarstraks voor de deur liep komt naar me toe en vertelt dat ik even moet wachten op iemand, een manager is onderweg om me te helpen.
Ik wacht tien minuten in de lobby. Ik mocht gaan zitten, maar ik zit al het grootste gedeelte van de dag. Ook koffie sla ik vriendelijk af.
Ik zie verschillende spelers van VVV naar beneden komen en ook leden van de staf. Ik zou zometeen wel achter de bus aan kunnen rijden. Maar eigenlijk wil ik er voor de bus al zijn.
Ik wacht, en wacht.

Na een minuut of tien komt er iemand in pak naar me toe. Dit is de man die ik moet hebben. Ik geef hem een hand en stel mijn vraag nog een keer. Hij begint te vertellen, maar na twee zinnen ben ik de draad al even snel kwijt als een vis nog weet wat ie vanmorgen heeft gegeten. De beste man vraagt of ik pen en papier bij me heb en samen lopen we naar mijn auto.
Daar begint hij te vertellen en te tekenen tegelijk. Hij tekent een duidelijke kaart van de route en daarmee moet ik er zeker komen. Hij geeft ook herkenningspunten aan zoals gebouwen in aanbouw en andere voetbalvelden die ik onderweg tegenkom. Kijk, zo doen we zaken. Na een paar minuten lopen we het nog een keer door en kan ik op pad.

Ik rijd weer voorbij de portiersloge en begeef me weer in het ontspannende wespennest wat hier verkeer heet.
De instructies kloppen als een bus. Al snel zie ik de gebouwen in aanbouw (hoewel ik het vermoeden heb dat ze dat al jaren zijn) en sla ik de weg af. Via wat bochten wordt de weg steeds slechter, maar in de verte zie ik de lichtmasten van een voetbalveld staan waarvan ik al wist dat die het niet was. Als je goed gelezen hebt, dan moets ik er namelijk een aantal voorbij.

Ik laveer tussen gaten in de weg door. Als je er een stukje plastic overheen spant, dan zou zo'n gat een resort op zichzelf kunnen zijn.
Ik zie er eentje over het hoofd en ik heb het gevoel dat ik minuten later pas op de boden aankom. Dit zijn pas gaten, daar kunnen ze in België nog een puntje aan zuigen. Lekker voor mijn spullen en de auto zeg maar.

Bij een bepaalde kruising moet ik rechtsaf en mij was verteld dat de weg daar weer net zo goed zou zijn als de oprit van het hotel. Dit klopt ook en ik rijd verder naar het voetbalveld waar ik moet zijn. Daar ook weer een portier. Twee zelfs. Eentje komt er naar buiten. Het is inmiddels twee uur, dus ik ben in hun ogen vroeg. In mijn ogen ben ik er op de tijd dat ik er wil zijn. Ik weet dat de bus van VVV niet al te lang op zich laat wachten.
De portier vraagt waarom ik kom en ik vertel dat ik foto's kom maken van de wedstrijd. Hij weet niet echt wat hij moet doen en kijkt zijn collega aan. Deze zwaait dat het hek open gaat en dat ik naar binnen mag. Ik moet nog wel even mijn naam opgeven. Ik vertel hem mijn naam en kijk met een glimlach toe hoe hij probeert die te herhalen. Achmed, Mehmet en dat soort namen gaan nog wel, maar Jeroen wordt een ander verhaal. Ach, wij hebben het andersom ook zo. Ik laat hem mijn ID zien en wijs mijn voornaam en achternaam aan. Deze worden keurig genoteerd en ik kan parkeren.

Eindelijk. Ik ben er, en op tijd.
Het zonnetje schijnt nog heerlijk. Onderweg hier naar toe heeft uiteraard het raampje open gestaan. Ja, ik heb ook airco, maar dat gebruik ik eigenlijk alleen maar als het vochtig is. En dat is niet vandaag. Nee, het is richting de twintig graden en je kunt lekker in je shirt rondlopen.

Het veld ligt er hier ook weer onberispelijk bij en ik vraag me af hoe het allemaal kan. Ergens moet dit onderhoud van betaald worden en er liggen hier meer grasmatten van kwaliteit in de regio dan in het betaald voetbal in Nederland. En dan nog durf ik te roepen dat het gemiddelde qua kwaliteit hier beter is. Hier spelen ze echt voetbal op biljartlakens. Niet de velden zoals we in bijvoorbeeld de Jupiler League kennen.

Al snel arriveren de bussen van Dynamo Dresden en VVV. We kunnen beginnen.
Ik schud de persvoorlichter van VVV de hand en hij stelt me zoals gevraagd voor aan de journalist van De Limburger. We praten wat met elkaar en ik vraag of hij iets specifieks in gedachten had. Hij dacht aan trainer Lokhof en keeper Gentenaar die weer fit is. Mooi dan weet ik waar ik me op kan richten.

Voor de wedstrijd wordt me verteld dat er nog shirts uitgereikt gaan worden aan spelertjes van de Antalya Footbal Academy. Wel echte wedstrijdshirts en geen fan-artikelen. Dat is natuurlijk een leuk fotomoment. Een speler mag de shirts uitreiken en daarna moet er natuurlijk nog even geposeerd worden voor de foto. Niemand spreekt er Turks en zij spreken geen Engels. Dus de speler roept; "Photo, Like Champions League!!" Dat snappen ze allemaal en ze stellen zich in twee rijen op.
Ik zet het groepje even wat netter neer zodat de grote gaten er tussenuit zijn als er plotseling ballen voor moeten komen. Dan moeten de ballen natuurlijk ook wel op een rijtje liggen met de naam naar voren. Ik neem er de tijd voor en de jongens vinden het maar wat dat ze op de foto komen in hun nieuwe shirtjes die ze inmiddels allemaal aan hebben.

Samen met degene die voor VVV hier de fotografie verzorgt maken we onze foto's en ook de cameraman van VVV-TV schiet zijn beelden.

Vervolgens kunnen we met de echte wedstrijd beginnen.
De zon schijnt fel, maar niet al te hoog. De aanval van VVV volgen in de eerste helft is niet echt een optie, veel te veel tegenlicht. Ik richt me op de keeper en kan zo ook mooi de trainer volgen. Na een minuut of tien besluit ik toch te gaan verzitten om de zon meer in de rug te hebben. Nu is hij nog te schuin van me wat de spelers half in de zon/schaudw zet, dat is niet zo mooi. Het betekend wel dat ik verder weg kom bij de trainer, maar anders is het wedstrijdbeeld zeker drie keer niets.

De keeper staat eigenlijk nog niet koud op het veld of het gaat mis. Bij een vrije trap aan de anderekant van het veld wordt er geroepen dat er gewisseld moet worden en zie ik de keeper richting de dug-out lopen. Hij valt uit. Ik maak een foto van de trainer waar de keeper met zijn rug naar de dug-out loopt. Hoewel jammer voor de keeper, weet ik dat dit het beeld is wat naar De Limburger gaat. De trainer en de keeper in een enkel beeld. Zeker ook omdat de keeper weer uitvalt. Verhaal vertellende foto. Helaas had ik de hoek graag anders gezien, maar ik voel op mijn klompen al aan dat ik het van deze hoek uit ook niet mag missen. Anders mis ik gewoon een belangrijk moment. Dan maar een mindere hoek, maar wel beeld.

De tweede helft blijf ik zitten, dan heb ik in ieder geval gewoon een helft de aanval van VVV. Ik verwacht dat een van de Japanse spelers dan recht voor mijn neus komt te spelen, maar in de rust wordt hij gewisseld. Jammer. Ik zie hem op een gegeven moment vanuit de dug-out richting de achterlijn lopen samen met een andere speler. Ik pak een camera en loop zijn kant uit om de twee te fotograferen terwijl ze weglopen. In een hoekje lopen ze vervolgens wat uit en gaan ze later weer terug naar de groep.

Ik ga weer op mijn plaats zitten en probeer nog foto's te maken terwijl het zonnetje onder de horizon dreigt te duiken.
Ik zit even vijf tellen op mijn scherm te kijken en kijk weer op; weg zon. Verdwenen als sneeuw voor de zon. Het hele veld ligt in één keer compleet in de schaduw. Toch wel fris ineens. Ik controleer mijn licht en merk dat het nog net wel even kan. Na een minuut of tien geef ik het op. Het mooie licht is er vanaf en ik heb geen zin om echt te pushen. Kwaliteit was belangrijker dan kwantiteit was me verleden week ook verteld. Ik besluit er de pannen op te gooien en terug te rijden nu ik nog iets kan zien.

Terugrijdend over het kronkelweggetje met de gatenkaas merk ik pas hoe ver weg we van de bewoonde wereld af zijn. Ja, ook hier wel huizen en boerderijen, maar armoe troef. Kinderen komen uit school en spelen op straat, of op een veldje (wat de naam niet mag hebben) een partijtje voetbal. Vuil ligt in sommige hoeken een meter hoog opgestapeld. Honden lopen overal tussendoor.
Echt eens schril contrast met het Turkije wat de hotels me graag laten zien. Ik krijg meer en meer het besef dat dit land een grotere kloof tussen arm en rijk heeft dan Nederland, wat me op zich ook niet verbaasd. Maar de welvaart die wij gemiddeld kennen, is hier zeker niet voor iedereen weggelegd. Interessant om in beeld te brengen, zeker ook met het zicht op het feit dat Turkije bij de EU wil. Ik doe het niet hoor, dat is niet mijn werk. Ik zou het ook niet kwijt kunnen. Maar ik zie een onderwerp wat om aandacht vraagt. Ergens borrelt de journalistiek fotograaf in me. Diep in mijn hart zijn dit dingen die ik wil vertellen, maar ik kan mijn verhaal letterlijk niet kwijt (op een manier dat ook mijn kosten voor zo'n verhaal gedekt worden)

Bij het hotel aangekomen heb ik honger. Maar eerst moet er gewerkt worden. De wedstrijdbeelden moeten door en ook die van de training van deze ochtend. Ik kan eerst gaan eten, maar dan zit ik straks helemaal te stressen. Ik besluit om in ieder geval de wedstrijdbeelden nu te verzenden. Dat is het belangrijkste. Daar kunnen ze dadelijk op te wachten zitten en daar heb ik zelf ook een hekel aan. Dus ik werk eerst de beelden van die middag af en besluit om half acht te gaan eten. De wedstrijd is door, de trainingsbeelden mogen later.

Na het eten werk ik de beelden van de training van deze ochtend af en met een druk op de knop verzend ik ze aan de eerste beeldbank. In de tussentijd laat ik het bad vollopen en verstuur ik de beelden naar het eigen persbureau. Zo, klaar. Vijf dagen voorbij, morgen terug.

Heerlijk in bad liggend vraag ik me af hoe ik morgen aanpak.
Ik kan uitslapen, wat ik altijd op zaterdag doe, maar ik moet om twaalf uur het hotel uit zijn. Uitslapen is er niet bij, althans, niet zoals ik het doe.
Aan de andere kant kreeg ik ook nog een tip van een, inmiddels oud, collega. Die is hier vaker geweest en vertelde dat hier vlakbij de oudst bewaard gebleven Arena van Turkije ligt. Op een steenworp afstand. Ik zit nog even in dubio, maar ik denk dat ik er morgen vroeg uitkom. Zeker met dit weer wil ik daar wel een paar uurtjes rondkijken voordat ik de auto inlever en terug naar Nederland vlieg.

Terugkijkend is het aardig doorwerken geweest. Ik ben bij drie wedstrijden geweest, vier trainingen en ook nog een setje portretten bij De Graafschap. In totaal is de harde schijfruimte weer met ruim 30 GB geslonken. De laptop zal zondag wel weer overuren draaien bij het backuppen.
Ik heb veel geleerd, dat wel. En ik heb gemerkt dat ik nog veel moet leren. Maar eind vorig jaar riep ik al dat ik nog verder wil groeien met mijn voetbalfoto's. Dit was in ieder geval alweer een unieke stap daarin en we zitten pas in de tweede week van het jaar.

Aan de andere kant moet ik wel bekennen dat IK nu toe ben aan de winterstop....

Dag 6

De reis terug naar huis. Weer dat avontuur van vliegen vandaag. Maar eerst nog wat sight seeing.
Ik zet de wekker om kwart voor acht en kom om acht uur mijn bed uit. Nou ja, 'mijn' bed is een groot woord. Maar komende nacht slaap ik weel weer in mijn eigen bed. Uiteindelijk ligt dat toch het lekkerst.

Ik ben niet gruwlijk groot; tegen de 1.90. Maar ik slaap graag op mijn buik. Mijn voeten strekken zich dan uit. In een bed van gemiddelde grootte liggen die tenen dan net buiten boord. In een kleiner bed liggen de voeten zelfs helemaal buiten. Thuis is het bed iets langer waardoor dat probleem niet gebeurd.

Ik sta op en open de gordijnen. Wederom zon, lekker. Ik spring onder de douche en na het aankleden zit ik een minuut of tien op het balkon om even wat rustig wakker te worden. Ik besluit vervolgens om te ontbijten en daarna alles in te pakken.

Na het ontbijt pak ik mijn tassen, stouw ik alles weg en ben ik klaar om op pad te gaan.
In tegenstelling tot de heenreis houd ik mijn accu's voor mijn camera nu bij me. Al doende leert men, wie weet waar mijn tas blijft deze keer. En in Nederland wil ik graag nog die accu's hebben, misschien onderweg zelfs wel een foto maken.

Rond de klok van negen uur check ik uit bij het hotel, ik dank ze vriendelijk voor hun gastvrijheid.
De auto stond nog keurig op zijn plek en ik vraag me nog steeds af wat er gisteren nu precies is gebeurd. Ik denk dat ik er nooit achter zal komen. Maar er is niets weg, dus ik moet dit gewoon opzij zetten.

Ik rijd naar het tankstation. Ook de huurtauto's hier moeten vol ingeleverd worden. Begrijpelijk natuurlijk. Maar aan de andere kant is de tank ook zogenaamd 'katsleeg'. En ik wil vandaag nog even naar iets in de buurt.

Van een oud-collega fotograaf kreeg ik de tip om zeker ook naar Aspendos te gaan als ik de kans kreeg. Dat was de reden dat ik er vanmorgen zo vroeg uitkwam. Anders had ik wel tot een uur of elf in bed gelegen.
Maar ik ben hier niet iedere week en een kleine zoektocht over internet had me gisterenavond verteld dat dit wel eens interessant kon zijn.

De man bij de Shell tankt mijn auto vol. Althans, hij hangt de slang erin en drukt op een knop. Dat kan ik zelf ook wel.
In razend tempo zie ik het bedrag oplopen totdat de tank vol is. Een liter benzine kost hier een Lira of vier, als ik moet gokken denk ik dat dat rond de 1 eruo 20 is. Geen idee wat dat ding waard is. Maar een flesje Cola kost hierr nog geen Lira. De Lira is minder waard dan de euro, maar alles is hier ook nog eens goedkoper. Aan de andere kant zal Jan Modaal hier geen 30.000+ verdienen terwijl we dat in Nederland wel doen.

Ik neem nog een flesje water en cola mee en reken af met de creditcard.
We kunnen weer op pad, op naar Aspendos te gaan.
De route verloopt via een plaats waar de snelweg doorheen loopt. Terwijl ik over de provinciale weg rijd zie ik links daarvan een grote witte rookwolk naar boven komen. Het is geen pluimpje om het maar zo te zeggen. Ik zie dat de wolk dwars over Silek heen drijft. Beneiuwd wat daar gebeurd is, maar ik ben hier om te werken en niet om de (ramp)toerist uit te hangen. Ik  sla in Silek aangekomen rechtsaf de snelweg op. Heel Silek zit in de rook en ik sluit het autoraampje om de stank buiten te houden.

Silek weer uitrijdend is de rook om mijn hoofd wel verdwenen en moet ik een paar kilometer over de snelweeg. Daar ergens moet ik de afslag nemen. Wederom werd er genavigeerd op geheugen na eerder op Google Maps te hebben gekeken en op gevoel natuurlijk.
Al snel komt de afslag en er staat keurig een bordje bij Aspendos. Dit kan niet missen.

Ik rijd de snelweg af en via een redelijke provinciale weg tuf ik de paar kilometer naar Aspendos.
Ik had op de sateliet gezien dat er een grote parkeerplaats was, recht naast het theather. Na een bocht zie ik de parkeerplaats en overzie hem. Maagdelijk leeg, het is nog geen tien uur. Iedereen ligt natuurlijk uitgebreid in bed hier. Zou ik ook doen. Maar nogmaals, ik kom hier niet zo vaak en wil er toch wel het maximale uit proberen te halen.
Ik draai de parkeerplaats op en zwaai vriendelijk naar de bewaker.

Deze zwaait niet terug, maar stormt zijn cabin uit, via de andere kant komt er ook meteen eentje aanlopen. Wat heb ik nu aan mijn veter hangen? Je gaat me toch niet vertellen dat het niet open is. Ik ben niet voor niets 3000 kilometer van huis af.
Maar nee, ik moet, heel westers, uiteraard een ticket kopen voor de parkeerplaats.
Braaf leg ik de verschuldigde vijf Lira nee, bied mijn excuses aan en parkeer de auto in de buurt van een stalletje waar je drinken kunt kopen en waar ook een meisje met drie kamelen stond.
Daar kon je mee op de foto. Kostte maar 1 euro. Da's geen geld. Maar ik besluit het maar niet te doen. Waarom zou ik met een kameel op de foto willen? Ik ben hier wel om de toerist uit te hangen, maar zo erg is het dan ook weer niet met me gesteld om een beetje voor Jan met korte achternaam op zo'n beest te zitten. Het mag dan wel het schip van de woestijn heten, maar ik kan me niet voorstellen dat die kameel daar op zit te wachten.

In vergelijking met het bezoek aan Side, is dit wat toerister. Ik moet hier een kaartje van 15 Lira aanschaffen voordat ik naar binnen mag. Om binnen te komen moet je heel modern je kaartje met barcode laten scannen en dan kun je door dat draaihekje. Kom ik hier in een oud bouwwerk terecht wat barts van de moderne faciliteiten? Dat zou toch zonde zijn.
Aan de andere kant staat een grote breedgeschouwerde man met een kaalgescchoren kop in een oud, naar wat het lijkt, Romeinse strijduitrusting. Ik zeg hem gedag en loop hem voorbij. Hij staat hier vast om Pipo de Clown met de toeristen uit te hangen. Ik heb het nooit op dat soort dingen. Het is erg grappig voor het vermaak, maar ik vind het altijd een beetje flauw als je beseft op wat voor plaats je bent. Je mag best je verleden eren, maar doe dat dan op een andere manier. Maar er zullen toeristen zijn die het geweldig vinden natuurlijk.

Op het terein aanbeland, besluit ik om het theater eerst nog even letterlijk lings te laten liggen. Het is gebouwd aan de rand van een grote heuvel en ik besluit eerst de heuvel op te gaan. Ik wil het theater van boven zien, als het mogelijk is. En ik wil weten wat er nog meer op die heuvel te bespeuren is.
Op een groot bord bij het terein zag ik namelijk dat het niet alleen een theater was/is, maar dat er nog veel van de originele stad over is. Dat wil ik dan eerst wel eens zien.

Via een grindpad loop ik naar boven, geen idee waarheen. Ik zie wel bordjes, ze zijn in Engels en Turks. Maar de Engelse woorden zijn dan weer Latijns of Romeins, geen idee hoe je dat noemt. Nou ja, Aquaduct snap ik ook wel. Ik loop dus de kant uit van de bordjes.
Ik kom een paar bouwvallen tegen. Of moet ik eerbiedig ruïnes zeggen? Geen idee hoe ik dat moet noemen, maar als een bouwwerk in verval raakt, dan wordt het in mijn ogen een bouwval. Toch?

De eerste oude gebouwenm (laten we het op gebouwen houden) zijn maar klein en nog niet spannend. Ik wandel door en klauter over allerlei grote keien die inmiddels het grindpad hebben vervangen. Op een kruising aangekomen zie ik boven me de restanten van een groot gebouw. Kijk, dit wordt misschien toch wel iets. Geen idee hoe ik er moet komen, maar een pad verder naar boven biedt misschien uitkomst.

Terwijl ik naar boven loop vliegen de Groenlingen en Mussen uit de bosjes. Ik besef dat ik hierr echt moederziel alleen rondloop. Ik voel me de koning te rijk omdat ik het idee heb dat dit in het hoogseizoen moet barsten van de mensen. Ik fotografeer best graag mensen hoor, helemaal niet erg. Maar vandaag wil ik oude gebouwen fotograferen en daar horen mensen niet bij, die Romeinse Pipo bij de poort inclusief.
Ik ga de hoek om en kom bij een open stuk aan wat een aantal grote gebouwen herbergt.

Mijn mond valt open van verbazing als ik zie wat hier allemaal nog van over is. In mijn achterhoofd besef ik namelijk dat dit meer dan duizend jaar oud is. Wat zeg ik, misschien wel 2000 jaar. Ik kan me niet herinneren dat ik ooit iets zo ouds heb gezien wat zo groot was en nog in deze condititie.
Ik zou het kunnen omschrijven, maar ik kan natuurlijk beter iets laten zien:

Ik neem even een momentje rust en ga even op een marmeren zuil zitten. Verbazend om ook hier, net als in Side, te zien dat je zomaar overal op en bij kan. In Nederland zou ik op dit moment allang door vijf mensen gevraagd zijn dit niet te doen. Ergens snap ik dat wel. Als er ieder jaar duizenden mensen ergens overheen lopen, dan is op een gegeven moment het mooie er ook wel vanaf. Hier zullen ze wel denken dat het er al een eeuwigheid ligt en dat het de tands des tijds wel doorstaat.
Ik zit wat en kijk om me heen. Overal ontdek ik op de heuvel oude stukken gebouw. Aspendos had op zijn hoogtijdagen 20.000 inwoners. Dat is voor Nederlandse begrippen niet veel, maar we praten wel over eeuwen geleden. Toen de politie nog echt op een varken reed omdat de verbrandingsmotor nog niet eens in iemands hoofd was opegekomen.

Ik loop een stukje verder en loop voorbij iets waarvan ik dacht dat het een grote muur was. Net als in Side was ook dit de fontein van de stad. Schitterend om te zien wat daar nog van over is gebleven na al die tijd.
Ik loop nog verder rond over het terein voordat ik besluit het gedeelte op te klauteren naar de bovenkant van het theater.
Via een oud pad met af en toe een trede kom ik boven. Badend in het zweet sta ik uit te puffen. Ja, de conditie van een fotograaf is ook niet alles wat het geweest is. Misschien is een th-shirt, een blouse en een fleece ook wel wat teveel van het goede. Het shirt is drijfnat van het zweet. Dit kan nog lekker gaan ruiken bedenk ik me.
Ik rust wat uit en besef me dat ik zo'n beetje op het hoogste punt van het hele complex zit. Hoewel er destijds natuurlijk nog geen telefoons bestonden, kijk ik toch even op de mijne. Ja, er is bereik. Grappig.

Ik kijk uit over het theater waar inmiddels een hoop mensen in rondlopen. Ik zie op de tredes een selectie van voetbalspelers zitten. Geen idee wie het zijn, in ieder geval niet de Nederlandse clubs die ik gevogld heb. Ook zie ik mijn vriend Pipo beneden rondlopen met een zwaard. Geen idee wat voor show hij opvoert.
Via een smal pad loop ik terug. Het is steil en de keien die er liggen maken het er allemaal niet makkelijker op. Voorzichtig plaats ik iedere keer mijn voeten. Als je hier iets breekt, dan heb ik echt een probleem. Dan kan ik waarschijnlijk gaan liggen wachten totdat het hier dichtgaat en men ziet dat er nog een auto op de parkeerplaats staat.
Beneden aangekomen ga ik het theater in. Het is er inmiddels gewoon druk, zeker voor deze tijd van het jaar.

Uiteraard ontbreekt de groep Nederlanders ook niet en zoals het een goede Nederlandse groep betaamt zijn ze de luidruchtigste van allemaal. Kijk, ik voel me zo toch een beetje thuis. Ik blijf en beetje bij het groepje uit de buurt en kijk wat rond. Hewt theater is nog steeds in gebruik. De oprichter van de huidige Turkse staat; Ataturk bezocht ooit het theater en vond dat het weer in ere hersteld moest worden. En zo geschiede zijn wil en wordt er anno nu nog steeds opgetreden voor de ruim 7000 mensen die het theater kan herbergen.

Een Nederlandse vrouw begint in het midden een nummer van Stevie Wonder te zingen. Ze kan gelukkig een beetje zingen en ik verbaas me over de prachtige natuurlijke akoestiek. Geweldig om zo'n gebouw in werking te zien. Dat ze zolang geleden al een constructie konden maken waar je met een beetje hard praten gewoon door 7000 man gehoord kon worden.
Ik klim via de trappen naar boven en bekijk het geheel eens vanaf de andere kant.
De voetbalploeg, ik denk dat ze uit Denemarken komen, besluit ook een duit in het zakje te doen; vier jongens zingen Happy Birthday. Kennelijk is er eentje jarig. Grappig om te zien en net als bij de Nederlandse vrouw wordt er enthousiast geklapt na afloop.

Pipo de Romeinse Clown loopt er niet voor niets. Ik kom langs een wagentje waar een groot bord bij staat; "Vergeet niet de unieke mogelijkheid om met een echte gladiator op de foto te gaan" Uiteraard. Er loopt ook een fotograaf van het theater rond en bij het karretje staat een Romeinse Helm. Vast een replica natuurlijk.
Net als bij de kamelen voel ik er niet zoveel voor.

Zo tegen de klok van half twaalf verlaat ik het terein weer. Ik kom langs een man die mij iets wil verkopen. Geen idee wat. I need to buy a huppeldepup. Een wat? Ik schijn een ticket te moeten kopen. Sodemieter op zeg, ik heb er al eentje om te parkeren en ik had ook al een toegangsticket. Een ticket om de parkeerplaats te verlaten kun je op je buik schrijven.
Ik besluit de man zijn complete verhaal te doen zonder dat ik er eigenlijk iets van begrijp. Als een Japanner blijf ik knikken en zeg ik hmm, hmm.

Blijkt dat ik bij die man geld moet wisselen. Waarom? Omdat de banken een probleem hebben. Ja, vast. Hij schuift een stapeltje Euro's naar voren. Ik vraag hem wat ik daar mee moet. Ik krijg te horen dat ik ze moet wisselen. Maar ik heb al Euro's denk ik bij mezelf. En daarnaast zijn we in Turkije en betalen we hier met de Lira. En die heb ik toevallig ook al. Dus wat moet hier nu gaan gebeuren. De man snapt dat wij vandaag geen zaken gaan doen en is klaar met met. Een vriendelijk bye bye betekend het einde van het gesprek.

Bij de auto aangekomen trek ik mijn shirt uit. Dat is zo nat en stinkt zo erg dat ik dat vandaag niet meer aanhoef.
Tijd om op mijn gemak naar het vliegveld te gaan, ik heb mijn foto's gemaakt, weer een uniek stukje historie gezien en ik wil naar huis.

Het is warm, lekker. Het jaar is pas veertiendagen oud en ik rijd met open ramen en opgerolde mouwen naar het vliegvld toe. Met een rustig vaartje van amper 90 kilometer per uur laat ik de klanken van Britse artiesten als Blondie en Madness de revue passeren.
Het zit erop, ik ga naar huis. Nog twee vliegreizen, een treinreis en een stukje met de bus en ik kan weer in mijn eigen bedje liggen.

Ik met eerst de huurauto inleveren en rijd de parkeerplaats van Hertz op. Uitstappen is zo gepiept, maar uitladen duurt iets langer. Al mijn tassen eruit en nog wat losse dingen inpakken. Dingen zoals de monopod en het krukje.
De paraplu besluit ik de schenken aan degene die de auto in ontvangst neemt. Ik kan er toch niets mee in het vliegtuig. Ik vind het op dat moment ook een beetje jammer dat ik niet voor het rose exemplaar gekozen heb. Gewoon puur voor de lol. Volgende keer als ik in een vreemd land net voor een vlucht een huurauto in moet leveren, dan koop ik toch echt eerst een roze paraplu.
De man is overvriendelijk en helpt me met mijn tassen en rugzak. Dat hij ze meteen ook mee naar de gate draagt. Dan doen we zaken zeg maar. Maar dat zit er helaas net niet in.

Ik wandel naar het hoofdgebouw alwaar ik weer de pineut ben voor de allereerste securitycheck. Alle spullen weer op de band, riem af, horloge af en dat soort dingen. Het is nog net niet in mijn ondergoed, maar het scheelt allemaal niet veel. Natuurlijk gaat het poortje af en wil de beste man even foullieren. Hij vindt niks, maar dat kon ik hem vooraf ook al vertellen.

En daar sta ik dan weer, op het vliegveld. Geen idee waar ik heenmoet. Het is nog vroeg, ik heb nog een uurtje of drie te gaan voordat ik vlieg. Ik besluit om eerst mijn mijn boardingspassen te regelen en te zorgen dat mijn reistas op transport gaat. Dan hoef ik er in ieder geval niet meer mee rond te lopen.
De man bij de balie zegt dat hij zal kijken of er misschien een vlucht eerder is. Aardig van hem, maar voor mij maakt het weinig verschil; de vlucht vanuit Istanbul zal heus niet eerder vertrekken en ik denk niet dat er vanuit daar een vlucht eerder zal gaan.
Ik krijg mijn boardingpasses met de gewone vertrektijden uitgereikt. Geen eerdere vlucht voor Jeroentje.

Ik besluit bij de Burger King even een hapje te eten. Wederom blijkt maar weer dat men wel Engelse woorden kent, maar kennelijk niet begrijpt wat ik bedoel.
Ondanks dat ik zo Nederlands ben als kaas, lust ik het echter niet. Sinds mijn prille jeugd lust ik al geen kaas en alles waar het inzit krijg ik ook niet weg. Enige uitzondering daarop is de pizza en de tosti. Op de een of andere manier lust ik het dan wel. Maar een kaasfondue kun je aan mij niet kwijt, dus gesmolten kaas is niet per definitie aan mij besteed.
De dubbele Wopper die ik krijg komt keurig in de verpakking op het plateautje. Ik vraag nog een keer extra terwijl ik mijn vinger er opzet: "this is with NO cheese?" De dame bevestigd het: "Yes, no cheese."
Uiteindelijk sta ik na een minuut weer aan de balie om haar uit te leggen wat kaas is; die twee gele plakken op de hamburger. En dat lust ik niet. Kortom, opnieuw dan maar.
Ze biedt haar verontschuldigingen aan. Ik weet niet of dat voor haar fout is of voor haar gebrekkige Engels. Misschien ben ik ook een beetje 'knorrig' omdat ik naar huis wil. Ik heb geen zin in dat reizen. Dadelijk weer volop bijeengepakt tussen mensen waar ik eigenlijk helemaal niet tussen wil zitten. Ik ben zometeen een uurtje of  11 onderweg zonder dat ik ook maar iets zinnigs kan doen. Dat zint me eigenlijk voor geen meter.

Ik eet mijn lunch bij de burgerking op en besluit naar de gate op zoek te gaan. Antalyya Airport (Havalimana heet het volgens mij) is voor mij ook redelijk nieuw bij het vertrekken, dus het kan wel eens even zoeken worden. Ik vind al snel gate nummerr 5 achterin een hoek en zetel mezelf daar neer. (Uiteraard ben ik weer door een beveiliging geweest en deze keer moest de laptoptaas open. Kennelijk vonden ze mijn batterijen van mijn flitser interessant. Dat kan ik me wel voorstellen, want het zijn ook hele mooie Eneloops.)
Ik pak de laptop erbij om alvast het eerstegedeelte van deze dag op te maken. Ik kan het maar vast gehad hebben denk ik bij mezelf. Niet dat het nu een vervelende opgave is, ik vind het best leuk om mijn reisverhaal te delen (en ik moet zeggen dat ik het ook waardeer als je het nu nog steeds leest, we zitten inmiddels toch wel over of in ieder geval dicht tegen de 20.000 woorden aan)
Ik laat de woorden uit mijn vingertoppen komen terwijl er op een gegeven mijn naam omgeroepen met de mededeling of ik naar gate 4 wil komen. Ik schrik me eigen wezenloos. De mededeling wordt herhaald en als ik de gebrekkige uitspraak van mijn naam weer hoor, schiet ik toch een beetje in paniek. Het is nooit een feest als ze ergens je naam omroepen. Ik klap snel mijn laptop dicht, stop hem in de tas en leg als de wiedeweerga met mijn spullen de 100 meter naar gate 4 af. Een nationaal record vestig ik niet, daarvoor moet ik teveel meezeulen en laangs teveel mensen. Maar uiteindelijk kom ik bij gate 4 aan en meld ik me.

De eerste tellen is het wat onduidelijk of ze nu mij bedoelen of iemand anders. Toch lastig als je geen Achmed heet. Ik trek mijn ID tevoorschijn en wijs mijn namen aan. Ja, ze moeten mij hebben.
Kennelijk is er toch geregeld dat ik een vlucht eerder naar Istanbul kan nemen. Er wordt het een en ander op mijn boardingpas geschreven en ik kan met deze vlucht mee. De lange rij met mensen die aan boord willen van die vlucht is inmiddels aardig gegroeid. Toen ik aankwam werd de gate net open gedaan en men wilde mij daar gewoon vanaf het begin hebben. Als ik van de andere kant van het vliegveld moest komen, dan kon het inderdaad nog wel even duren voordat ik bij die gate zou zijn geweest. Verstandig dus van die mannen daar.
Maar ik hoef niet achteraan in de rij te staan. De man achter de balie voert meteen de controles uit en ik mag achter de balie langs naar het vliegtuig lopen.

In het vliegtuig neem ik plaats op de stoel bij het raam. Ik was op tijd op het vliegveld, dus mocht bij het inchecken nog aangeven of ik window of isle wilde zitten. Het is nog licht, dus doe maar window natuurlijk. Dan kan ik eens een keer van bovenaf naar Turkije kijken.
Ik zit dus gewoon als één van de eerste in het vliegtuig. Ik ben al snel gesetteld, wat moet je anders met twee stukken handbagage en een vlucht van een klein uurtje?
Het wachten is dus begonnen op de rest van de passagiers. In het vliegtuig passen ongeveer een man of 170 reken ik snel uit. Niet dat ik koppen ga tellen of zo, dat laat ik aan de stewardes over. Maar het duurt nog even voordat iedereen er is, alle bagage in het vliegtuig zit en alle andere dingen die voor vertrek geregeld moeten zijn.
Uiteindelijk kunnen we vertrekken. Geen idee of het op tijd is; dit is niet mijn vlucht namelijk.

Na het opstijgn had ik een schitterend zigt over Antalya en viel het me op hoe groot het is. Ik had vanaf het vliegveld naar Belek echt maar een klein stukje gezien. Dat wist ik ook wel, het vliegveld ligt oostelijk van de stad en Belek nog verder naar het oosten. Ik ben dus niet echt in Antalya geweest. Maar op zich vind ik dat met de Turkse rijstijl niet zo'n probleem hoor.
Antalya overvliegend naderen we de bergen in het Noorden. Deze zijn ongeveer een tweetal kilometer hoog en de bomen hebben daar plaatsgemaakt voor kale toppen die bedekt zijn met een laag sneeuw. Deze sneeuw was ook al vanaf Belek te zien, maar van bovenaf is het toch net even iets anders. Ik blijf naar de bergen kijken totdat we boven een wolkendek komen te vliegen. Het is over met het mooie weer. Op de grond dan. Hoog in de lucht schijnt het zonnetje nog steeds naar binnen en ik wordt er een beetje loom van.
De lunch wordt geserveerd. Ik heb pech, het is een broodje met kaas. Ik ga alleen voor het chocoladecakeje en de bijgeserveerde cola.

Op een bepaald moment wordt langzaam de landing ingezet. Ik merk dat de piloot vermogen terugneemt en het toestel langzaam naar beneden stuurt.
Het wolkendek onder ons komt dichter en dichterbij. Ik vind het nog steeds fascinerend om te zien hoe mooi zacht zo'n wolkendek eruit ziet. Het is wit, met blauwgrijze tinten. Het ziet er zo zacht uit als een schapenvacht. Enige probleem is dat je er dwars doorheenvalt als je erop zou willen lopen.

Het vliegtuig verdwijnt in de wolken en daarmee verdwijnt ook mijn uitzicht. Ik maak me klaar voor de landing. Dat betekend dus stoel rechtop, tafeltjeinklappen, gordel aantrekken en dat soort dingen. En dan is het wachten. En wachten. En nog eens wachten. Het toestel daalt verder en verder. Ik zie er geen bal van, maar ik merk het wel aan mijn oren. Die ploppen als een idioot. Ook het flesje drinken waar ik nog een klein beetje water in had zitten begint hele andere vormen aan te nemen door de veranderende luchtdruk.

Het duurt lang voordat we door de wolken zijn. Dit is een dik pak. Van boven ziet het er schitterend uit, maar wat zien we van de onderkant. Langzaam komen de eerste donkere vlekken van het water van de Bosporus (als ik het goed heb) in beeld. Plotseling zie ik een hele hoop vlekjes. Het eerste wat ik denk is "sneeuw". Dat hebben we vandaag nog niet gehad. Van een drijfnat shirt op een zonovergoten berg een uurtje of vier/vijf geleden kom ik nu aan in de sneeuw. Ik baal alvast een beetje dat de buitenjas van mijn winterjas met mijn reistas onderweg naar Amsterdam is, deze ging namelijk rechtstreeks. Het zal wel frisjes zijn als we landen.

Langzaam aan komen we dichter bij de grond. Totdat we uiteindelijk landen. Met de logica van Cruijf zul je niet dichter naar de grond kunnen, omdat je er dan onder gaat. Zo simpel is het soms. Je moet het niet moeilijker maken dan dat het is.
In plaats van naar de gate te rijden, rijdt het vliegtuig naar een emplacement. Ik vrees het ergste en het wordt de waarheid, we moeten uitstappen op het emplacement en met de bus worden we naar de gate gebracht. Door de sneeuw loop ik naar de bus. Erg fris, maar aan de andere kant ook wel lekker om weer eens sneeuw op je knar te voelen. We hebben in Nederland verleden winter natuurlijk sneeuw genoeg gehad, maar deze winter nog niet. Misschien ligt er een pak in Nederland, maar ik denk het niet. Gelukkig maar, want sneeuw is net als Paris Hilton; leuk om te zien, maar wat kun je ermee? Niet erg veel behalve een paar dingen.
De bus brengt ons naar de gate en ik mag mijn weg vervolgen naar de internationale vluchten.

Om naar het buitenland te vliegen moet ik eerst weer door de douane. Dit keer niets door de scanner, gewoon papieren laten showen.
De man hier moet mijn visum zien. Ah, was dat papiertje dus toch nog ergens goed voor. Ik laat het zien, samen met mijn ID en ticket.
Kennelijk heeft de douanier er al een lange dag opzitten, maar aan de andere kant zijn bijna al die mensen van de douane chagarijnig. Van alle douaniers die ik heb meegemaakt waren de drie dames bij de uitgang in Antalya, afgelopen maandag, nog een beetje de vrolijkste. Van de rest leek het wel of ze geselecteerd werden op hun humeur bij hun solicitaties.
Ik krijg een stempel op mijn visum en boardingpass en mag doorlopen.

Nu heb ik de tijd. Ik moet door die eerdere vlucht hierr ongeveer een uurtje of vier de tijd zien te doden. Waarmee eigenlijk? Ik heb bijna geen Lira's meer en ik was niet van plan om hier nog even te pinnen en de patser in de tax-free uit te hangen. Ik neem plaats op een bankje en schrijf op de laptop nog even verder.
Tot ik dat op een bepaald moment wel heb gehad en besluit dat het tijd wordt voor koffie. Ik ga op zoek naar iets.
Ik vind een Starbucks en warempel; daar staan tafeltjes met stroom. Kan ik mooi onder het genot van een grote kop koffie mijn laptop opladen. De man tegenover me aan het tafeltje zit te internetten. Ik vraag welke WiFi hij gekozen heeft en of hij daar een wachtwoord voor nodig had. In het Engels uiteraard. Ik heb nog niet echt veel Nederlands gesproken op mijn reizen, zal wel wennen worden als ik terug ben in Nederland.

Het ineternet is niet het snelste, maar het werkt. Ik doe even wat mailverkeer wisselen met Nederland en zit wat op Facebook en Twitter. Ik lees dat er bij Italië een bootje is gekapseisd. Er zijn doden en gewonden te betreuren. De foto's die ik er van zie tonen een groot cruiseschip op zijn kant.
Op mijn eigen forum verwijder ik wat nieuwe aanmelders. Hoewel ze nog niets gedaan hebben zijn de aanmeldingen vanuit Rusland en dergelijke meestal spammerds. Die incidentele die het dan niet zou zijn, die heeft pech. Ik besluit dat ik weer een nieuwe range IP's in moet gaan stellen die zich niet kunnen aanmelden. Ze hebben masaal weer iets gevonden om de huidige range te omzeilen.
Langzaam tikt de tijd verder. Ik kan het niet versnellen, helaas. Het is gewoon een kwestie van wachten en uitzingen.

Op de borden staat nog steeds niet aangegeven welke gate ik moet hebben voor mijn vlucht naar Amsterdam. Wachten en wachten dus maar. Ik sjok wat rond over het vliegveld en kijk wat om me heen. Er is, als je geen geld uit wilt geven, echt geen bal aan. Maar ik houd mijn poot stijf en laat me niet verleiden voor allerlei alcoholische versnaperingen of wat dan ook.

Nog een keer de borden checkend zie ik dat de gate inmiddels bekend is, nummer 309. Eindelijk lijkt er dus een beetje schot in te komen naar de ruim drie uur durende reis terug naar Nederland. Ik loop op mijn gemak richting de gate, ik ben veels te vroeg als je het bekijkt. Maar ik had niet echt keus zeg maar.
Ik heb nog een flesje water wat onaangebroken is en ik drink dat nog even op mijn gemak op voordat ik de laatste securitycheck doormoet. Het mag hoogstwaarschijnlijk niet mee naar binnen en het maakt natuurlijk niet echt uit aan welke kant ik het opdrink.
Door de security moet alles weer in bakjes. Ook mijn schoenen moeten op de bank. Het enige metaal wat er nu nog aan me kleeft is het metaal in mijn spijkerbroek. Toch gaat het poortje af. Ik moet weer terug en opnieuw door het poortje. Weer een lange hoge piep. Handmatig wordt ik nog even met een portable scanner nagescand. Er wordt uiteraard niets gevonden. Eindelijk zijn we van dit soort pratijken af. Ik haal mijn schouders maar weer op en ook mijn broek. Die zakt namelijk behoorlijk af zonder riem.

Ik neem plaats bij de gate. Ik ben niet de eerste. Had ik stiekem eigenlijk wel een beetje verwacht.
Maar toch neem ik ergens op een stoeltje plaats. Nu is het nog een uurtje of anderhalf wachten voordat we daadwerkelijk aan boord kunnen. En dan duurt het nog een dikke drie kwartier voordat er gevlogen wordt. Ook hier geen 'slurf' naar de gate. Ik kijk naar buiten, naar het emplacement. De sneeuw komt nog steeds naar beneden. Ik baal van de gedachte aan de koude bus dadelijk en de wandeling de vliegtuigtrap op. Maar aan de andere kant kom ik steeds dichter bij huis.

Bij gate 310 is de boarding naar een of ander tropisch oord bijna voorbij. Er wordt al vijf minuten door een man geschreeuwd dat iedereen die die kant uit wil toch echt moet komen. Op het moment van schrijven weet ik echt niet meer welke plaats het is. De man heeft er echt een dagtaak aan om zo'n beetje langs alle gates te gaan die in deze hoek zijn om iedereen er maar op te wijzen dat de gate bijna dichtgaat en dat kennelijk nog niet iedereen er is. Het biedt in ieder geval een grappig vermaak. Lijkt me best frustrerend om ervoor te moeten zorgen dat iedereen aan boord zit terwijl dat niet echt lukt. Geen beter vermaak dan leedvermaark zeg maar.

Eindelijk is het dan zover, we mogen weer een poortje verder en de bus in. Ik moet weet mijn paspoort, visa en boardingkaart laten zien en dan kan ik de bus in.
Door de kou loop ik naar de bus en stap ik in, met tientallen anderen. Als ik zag wat er nu al aan mensen bij de gate stond, denk ik dat het goed vol in het vliegtuig zal zijn.
In het vliegtuig zetel ik mezelf neer bij het raampje en wacht ik geduldig af, iets wat ik vandaag nog niet echt had gedaan; wachten.

keurig op tijd wordt het vliegtuig naar achteren geduwd en kan het zelfstandig zijn weg vervolgen richting de startbaan om na de start richting Nederland te draaien.
Net voordat we de baan opdraaien moeten we nog even wachten op het toestel wat op de baan staat. Het toestel beweegt geen meter en ik zie een busje aan komen rijden over de baan. Wat nu weer? Het busje keert halverwege om en rijd weer weg. Om vervolgens weer te keren en naar het vliegtuig te rijden. Om vervolgens weer te keren. Op deze manier kun je wel een hele avond vullen denk ik bij mezelf. Maar het busje verdwijnt naar de andere kant van de baan tot ik het niet meer kan zien.
Het vliegtuig voor ons vertrekt en wij kunnen ons opstellen op de baan.

De vorige toestellen waren van de fabrikant Airbus, deze keer heb ik een Boeing 737. Volgepakt als sardientjes zitten we tussen de gelijmde en gepopte delen alluminium. Het is krap qua beenruimte, maar mijn Nederlandse buurvrouw zegt dat het toch nog wat krapper kan.
Dit toestel is ook niet zo luxe als de Airbus op de heenreis. Hier geen schermpjes in de hoofdsteunen of in de stoelen weggewerkt. Met een beetje mazzel hebben we een film op de algemene schermen en hopelijk dan eentje die ik nog niet ken. Anders wordt het heel krap werken op de laptop, maar ik heb in ieder geval iets te doen.

Er wordt toch een film gespeeld. Eentje die ik nog niet ken. Hij gaat over een man waarvan zijn ex-vrouw overlijdt. Hij krijgt de voogdij over zijn zoontje. Dit wil hij niet echt en staat die af aan de zus van zijn overleden vrouw. Helaas zit hij toch nog een zomer vast aan het jong omdat zuslief met de rijke man naar Europa gaat en daar komt dat kind niet echt bij uit.
Natuurlijk ontstaat er een band tussen de hoofdrolspeler en het kind. Niet te min omdat het kind van robotgevechten houdt, waar zijn vader de kost mee verdiend.
Het is saaie Amerikaanse pulp. De film is uiteraard door Steven Spielberg geregiseerd. Nou, dit is geen oscarwinnaar, hoewel de special effects wel van een aardige kwaliteit zijn.
Ik kijk de film en probeer zo goed als zo kwaad mogelijk te luisteren door de koptelefoon die niet lekker zit. De dopjes hebben niet echt een pasvorm en klemmen niet goed in mijn oren. Zo groot zijn die oren van mij toch ook weer niet.

Ook in dit vliegtuig eten. Wel iets wat ik lust deze keer. Zonder kaas. Ja, een salade met komkommer, tomaat en blokjes Feta. Maar daar kan ik vakkundig omheen prikken. Verders is het pasta en chocoladecake, een broodje en wat crackers. Een koffie om het af te maken en we hebben weer gegeten en gedronken.
De film slokt toch een kleine twee uur op van de vluchttijd. Dat schiet al aardig op. Als hij is afgelopen, draai ik mijn hoofd naar buiten. Het is helder en ik kan de steden onder me door zien schieten. Qua tijd denk ik dat we ergens boven Duitsland zitten, maar de schermpjes vertonen nog de aftiteling van de film, dus het blijft bij een gok.
Ik dood de rest van de tijd met naar buiten kijken, het blijft helde tot aan Schiphol.

De landing is alles behalve zacht te noemen. Met een klap ben ik weer terug op de Nederlandse bodem. Hier geen sneeuw, maar dat had ik ook niet verwacht. Weer terug in nederland, lekker.
We rijden terug naar de gate. Dit duurt ook nog wel een minuut of tien, want we kwamen uiteraard weer aan de verkeerde kant uit. Schiphol is wat groter dan de luchthaven van Istanbul of Antalya. Binnen loop ik richting de paspoortcontrole en de bagagebanden. Ik laat mijn ID zien en ben bijna thuis. Nu nog mijn bagage.

Deze zou van Antalya rechtstreeks naar Amsterdam gaan. Ik vroeg me af of dat wel goed zou komen. Er zat niets echt belangrijks in, maar toch zou het ongemakkelijk zijn als ik het zonder tas zou moeten stellen. Bij de bagageband wacht ik en wacht ik nog meer. Ik ben het wachten van vandaag echt spuugzat en wil gewoon naar huis. Ik stink een uur in de wind en ik wil gewoon douchen en naar bed. Uiteindelijk zie ik mijn tas aankomen. Ik pak hem van de band af en loop door naar de uitgang. vandaar naar het station. Ik koop uiteraard een kaartje en ga naar beneden naar het station.
Daar hoef ik niet lang te wachten op de trein naar Utrecht.

In Utrecht aangekomen mis ik net mijn aansluiting naar Den Bosch. Weer wachten. Maar een tien minuten later komt de volgende trein aanrijden. Wel twintig minuten te vroeg, maar ik kan zitten. Op mijn laptop werk ik verder aan het verslag, ik wil dit namelijk vannacht nog even online zetten. Het is druk in de trein. Veel mensen die uit zijn geweest en nu naar huis willen.
In Den Bosch zit de reis er bijna op, nog twintig minuten meerijden met de auto en dan kan ik eindelijk de deur in Waalwijk weer opendraaien.

Maandagochtend vertrokken en in de nacht van zaterdag op zondag terug. Een hele reis. Ruim 5000 kilometer afgelegd en zo'n beetje alleen maar bezig geweest met foto's. Veel gedaan, veel geleerd. Veel nieuwe mensen ontmoet en als bonus ook nog mooie dingen van Turkije gezien. Ik vond het geslaagd, nu naar bed. Morgen eerst eens heel goed uitslapen

Plaats reactie


Beveiligingscode
Vernieuwen

joomla template

Alle artikelen op deze website zijn auteursrechtelijk beschermd. Het auteurschap ligt bij de auteur: Jeroen de Jong. Ook de getoonde foto's vallen onder het auteursrecht van de maker. In alle gevallen, behalve de artikelen in de categorie De Geschiedenis Van De Fotografie is dat eveneens Jeroen de Jong. In de rubriek De Geschiedenis Van De Fotografie is het de fotograaf waar het artikel over gaat. Gebruik van beelden of andere info van deze site is zonder vooraf schriftelijke toestemming niet toegestaan.